VERSLAG HZG
ze uit zwarte kraaltjes, soms gecombineerd met witte. Voor de lichte rouw domineerde de kleur blauw. Men paste de rijgtechniek toe, zoals die ook gebruikelijk was bij de kralen kraagjes op de lijfjes van de boerinnen op de Veluwe en rond Kampen. De kralen boordjes op de kraplappen van de Veluwse en Staphorster boerinnen werden eveneens op deze manier gemaakt.
De patronen van de dasjes zijn gevarieerd, maar altijd asymmetrisch. Kennelijk vond men een symmetrisch patroon te gecompliceerd. Het afgebeelde dasje meet 4,5 cm bij 42 cm, is dubbelgeslagen en 3 cm van boven ingenomen en vastgezet. Door de ontstane strop is een lint gehaald, waarop aan weerszijden kraalwerk is aangebracht. |
DE KLEDING VAN GEESKE KRUSEMAN
Het interessegebied van NKV-lid Geeske Kruseman ligt verder in het verleden. “Mijn belangstelling gaat uit naar kleding uit de 16e en 17e eeuw en de vroege middeleeuwen. Omdat het verzamelen daarvan vrijwel onmogelijk is – kleding van vóór 1700 bevindt zich in een museum of archeologisch depot – verdiep ik me in schilderijen met kledingafbeeldingen. Ik zie mijzelf als kleermaker en onderzoeker; ik zoek uit wie wat droeg, waar het kledingstuk van gemaakt was en hoe het in elkaar zat. Vervolgens ga ik het maken. Het uitzoeken roept uiteraard vragen op; door het kledingstuk te maken probeer ik antwoorden te vinden. Dat roept daarna opnieuw vragen op; geen van beide is ooit af.”
VERFOMFAAID LEER
Geeske werkt niet voor toneel- of filmproducties. “Daar is niet altijd voldoende aandacht voor historische accuratesse, en dat is nu juist wat mij zo boeit. Voor de tentoonstelling ‘Van onderaf bekeken’ heb ik bijvoor- beeld een reconstructie gemaakt van een archeologi- sche vondst uit de 9e eeuw, een halfhoog laarsje. Uit zo’n stuk verfomfaaid leer van ruim duizend jaar oud een draagbare schoen reconstrueren, die maken en
‘Ik heb 9e eeuwse laarsjes gereconstrueerd’
aantrekken en er nog goed op kunnen lopen ook; daar word ik blij van.”
PLOOIKRAAG Een plooikraag is een los accessoire dat vastgemaakt werd in de staande kraag van een wambuis, een kort mannenjasje uit de 16e, 17e eeuw. Zelfs in zijn eenvou- digste vorm was het onderhoud ervan heel intensief. Bij chique plooikragen, van extreem fijn linnen en met brede randen kant, was het wassen, stijven en strij- ken/zetten letterlijk een vak apart. Het linnen werd gesteven en gezet in 8’jes of lobben, zoals ze indertijd wel genoemd werd. De stijfsel houdt de lobben in vorm en de spelden, net zichtbaar binnenin, houden ze op hun plaats. |
HZG 77
Geeskes reconstructie van een plooikraag, vroeg 17e eeuws, op dito wambuis (foto Letja Feis).
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72