VERSLAG HZG A
ls je Marjories winkel/atelier binnenloopt aan de achterkant van een idyllisch gelegen boerderij in Lathum moeten je ogen wennen aan de diversiteit aan hoedenmate-
riaal: prachtige voile stoffen in de meest uiteenlopen- de kleuren, lint in alle soorten en maten, veertjes, leren riempjes, glimknoopjes, pareltjes. Een overdaad aan keurige rolletjes band achter glas in een ouder- wetse ladekast. Kleur bij kleur ligt alles te wachten op degene die al jaren zocht naar juist die tint, maar absoluut niet wist dat in het huis achter de dijk zo veel schatten opgeslagen liggen. In tegenstelling tot wat ik dacht is Marjorie niet altijd met hoeden en aanverwante zaken bezig geweest. Ze vertelt dat ze uit de paramedische hoek komt, maar wel al op jonge leeftijd leerde breien en borduren van haar moeder. Voor een kind nogal ongewoon: toen ze twaalf was ging ze met de molatechniek aan de slag. Toen ze een jaar daarna tijdens een vakantie een 80-jarige dame bezig zag met kantklossen, was ze daar zo door gefascineerd dat ze naar de volksuniversiteit wilde voor zo’n cursus. Omdat de toegangsleeftijd 16 jaar was en zij pas 13, leek het in eerste instantie dus onmogelijk daar aan mee te doen. Maar het lukte wel! Op haar achttiende begon ze met weven, maar toen ze jaren later een ‘hoedendag’ bij Harry Scheltens bijwoonde, werd ze daar zo door gegrepen dat ze les bij hem ging nemen. Dat duurde vier jaar. Na een tussenfase ging ze lessen volgen bij Marianne Jong- kind, gerenommeerd hoedenmaakster.
TOONBANK UIT 1860 Vanaf die tijd ging ze hoeden ontwerpen en maken. Eerst voor zichzelf, vriendinnen en familie, maar langzamerhand veranderden verzoekjes in echte opdrachten. Van lieverlee ging Marjorie, als ze met
Atelierhoek. Op de voorgrond werk van een cursiste.
man en kinderen op vakantie was, tussen het gezins- programma door op zoek naar mooie materialen. Omdat het steeds moeilijker werd die in eigen land te bemachtigen duurde het niet lang of ze begon kwali- teitsproducten op grotere schaal in te kopen. Zo ontstond Hoedendingen. Toen in 1993 een Belgische hoedenwinkel zijn spullen van de hand deed, nam Marjorie de fraaie toonbank uit 1860 over, naast voile en andere materialen uit de inventaris. Uit het Franse Chazelles sur Lyon betrok ze couturevilt van een idealistisch ingestelde onderne- mer. Hij beschouwde het als cultuurgoed dat niet verloren mocht gaan; ritssluitingen werden in dezelf- de tinten als het vilt geverfd. Inmiddels is zijn fabriek helaas ter ziele gegaan. Het is echter duidelijk dat Marjorie gesteld is op kwaliteit, iets wat haar klanten zeer waarderen. Tijdens mijn bezoek aan Lathum handelt ze Engelse en Duitse telefoontjes af: bestellingen van internationale theater- en dansgezelschappen. Hoewel haar bedrijf zich als groothandel manifesteert, kan ook de particu- liere koper er terecht. Alleen op afspraak overigens. Slechts 20 tot 30 procent van de bestelde materialen
Voor elke hoed is er bij Hoedendingen een passende mal
Houten mallen in alle mogelijke vormen. HZG 41
▲
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72