VERSLAG HZG
DE KRALEN DASJES VAN REIN LOTTERMAN
Een van de NKV-leden is Rein Lotterman. Zijn interesse gaat onder meer uit naar kralen halsversieringen bij de jongens- en mannendracht van de Noord-Veluwe en Kampen. “Omdat mijn vrouw tot haar 21e jaar de Staphorster streekdracht heeft gedragen, ben ik geïnte- resseerd geraakt in streekdrachten”, vertelt Rein. “Ik verzamel deze nu al zo’n veertig jaar. Naast kledingstuk- ken uit Staphorst verzamel ik ook die uit Drenthe en Gelderland. Zo nu en dan wordt mijn collectie uitgebreid met bijzondere stukken uit andere delen van het land. Toen wij in de jaren zeventig in Nunspeet kwamen wonen, ben ik ook Veluwse drachten gaan verzamelen. Zo leerde ik de kralen dasjes kennen die jongens en mannen van de Noord-Veluwe en rond Kampen tussen circa 1910 en 1935 gedragen hebben. Deze dasjes tref je bij geen enkele andere streekdracht aan.”
VAN KNOPEN…
Oorspronkelijk werd het opstaand boordje van het linnen mannenhemd aan de voorkant gesloten met knopen. Hiervoor werden zilveren of gouden keelkno- pen (zie p. 72, linnen hemd van rond 1800 met gouden keelknopen, foto Rein Lotterman), gladde knopen met een sterversiering of ‘brummel’ gebruikt. Een brummel
is een dialectische benaming voor braam. Om de hals droeg de man een knupdoekje, dat middenvoor onder de knopen gestrikt werd. De knupdoek harmonieerde qua kleurstelling met de fichu (halsdoek) van de boerin. Toen boezeroens (kiel met lange mouwen) in de mode kwamen, gingen de halsknopen zowel door de knoops- gaten van het opstaand boordje van het hemd als van de boezeroen. De mooiste boezeroens waren van zijde of satijn. Het beleg was soms voorzien van glazen
De kralen dasjes werden vaak door de boer zelf gemaakt
knoopjes en kraalwerk. Rond 1900 kwam het zogenaamde befje, frontje of slabbetje in de mode. Vaak waren deze voorzien van een strikje en prachtig versierd met allerlei vouwtech- nieken, smockwerk en soms ook borduur- en/of kraalwerk. Het befje sloot in de nek met twee gestrikte lintjes of met een knoop en knoopsgat. Soms zat er aan de bovenkant middenvoor een knoopsgat. In dat geval gingen de halsknopen door de knoopsgaten van de boezeroen en het knoopsgat van het befje. De knopen werden later ook wel op het befje genaaid.
Kralendasje (foto Rein Lotterman).
76 HZG
Detail van het kralendasje (foto Rein Lotterman).
…TOT KRALEN Rond 1910 kwamen meerkleurige kralen dasjes in de mode, al werden deze niet algemeen gebruikt. De dasjes werden tot in de jaren 30 van de vorige eeuw gedragen. Aanvankelijk droeg men ze in combinatie met de keelknopen. Toen deze knopen uit de mode raakten, werden ze ook los gedragen. De dasjes werden vaak door de boer zelf gemaakt. Je had ze in allerlei kleuren. Was men niet in de rouw dan werden de dasjes met meerkleurig kralenwerk ook weleens op het befje genaaid. Bij diepe rouw bestonden
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72