GERDA HAISMA, AFDELINGSHOOFD OMGEVINGSMANAGEMENT BIJ DHV ‘Omgevingsmanagement is maatwerk’
“Ieder project en iedere omgeving heeft unieke kenmer- ken. De vakkennis van de omgevingsmanager is weten welke partijen met welke belangen nu en in de toekomst belangrijk zijn, en welke procedures relevant zijn. Toch moet je ieder project en de bijbehorende omgeving als uniek benaderen. Er zijn altijd nieuwe factoren die een rol spelen. De kracht van een omgevingsmanager is dat je de omgeving goed aanvoelt en kunt bepalen wat stan- daard is en wat afwijkt. Maar vooral ook: hoe kan het proces worden gestroomlijnd tussen omgeving en pro- ject. Het gaat niet om het managen, maar juist het door- gronden van een omgeving. Waarom is er weerstand, wat zijn de belangen? Zo ga je verrassingen en onduidelijkhe- den tegen. De werkwijze conform Sneller en Beter/Elver-
ding is er ook op gericht vroegtijdig de belangen in beeld te krijgen. Continuïteit en zorgvuldigheid in aanpak, van- af het begin van het project, zijn daarbij cruciaal, evenals een goede communicatie. Toch is een omgevingsmana- ger niet per defi nitie een communicatiespecialist. Om- gevingsmanagement bij DHV bestaat uit adviseurs met verschillende vakachtergronden met goede communica- tieve vaardigheden en omgevingssensitiviteit. Deze advi- seurs hebben proces- en inhoudelijke kennis. Gezamen- lijk bezitten ze de vakkennis om ieder complex project het hoofd te bieden. Maar wat zeker niet ontbreekt, is be- trokkenheid. Zonder betrokkenheid en oprechte interesse werkt omgevingsmanagement niet!”
ROB KÖSTERS, BELEIDSMEDEWERKER GEMEENTE MIDDELBURG ‘Omgevingsmanagement als tweede natuur’
“Wij gebruiken de term omgevingsmanagement niet. Lo- gisch, want omgevingsmanagement is iets wat we da- gelijks doen. De gemeente staat nu eenmaal het dichtst bij de burger, en dus is het bij ons een tweede natuur om allerlei maatschappelijke groeperingen mee te ne- men in het proces. Dat laatste kan op meerdere manie- ren. Je kunt stakeholders opnemen in je projectorganisa- tie – denk aan provincies, waterschappen, marktpartijen of andere organisaties die verantwoordelijkheid dragen of meebetalen – of je richt je bij voorlichtings-, klankbord- of brainstormbijeenkomsten rechtstreeks tot de burger. Bij ieder project van een zekere omvang maak je weer
Bron: Royal Haskoning
een nieuwe omgevingsanalyse: wie is er betrokken, hoe betrokken zijn die partijen echt, wie is er voor en wie te- gen, staan ze veraf of dichtbij, is een formele of informele aanpak beter geschikt, et cetera. Een zorgvuldig proces is belangrijk. Het kan je project inhoudelijk verrijken en komt de kwaliteit van de besluitvorming ten goede. De keerzijde van omgevingsmanagement is dat je verwach- tingen wekt. We kunnen nu eenmaal nooit ieders indivi- duele belang meenemen. Het is altijd een mix, of een gul- den middenweg. Het algemeen belang staat voorop. Dat moeten we dan ook duidelijk communiceren als er een besluit is genomen.”
36 Nr.5 - 2011 OTAR
Foto: Noord/Zuidlijn, DHV
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48