Waardering
17
Soedan wordt al sinds 1956 verscheurd door een burgeroorlog. Begin 2005 sloten de strijdende Soedanese partijen een vredesakkoord. Een paar jaar later werd het gewoonterecht afgeschaft: stokslagen en oog-om-oogacties mochten niet meer en het leger moest zich weer gewoon richten op zijn legertaken. ‘Een deel van het leger heeft daar ruim dertig jaar geroofd, verkracht en gemoord’, vertelt adjudant Michel Barbier. ‘Wij zijn naar het land gereisd als ongewapende poli- tieadviseurs voor de Verenigde Naties. We zagen toe op de naleving van het akkoord en ondersteunden de politie bij het handhaven ervan.’ Michel en zijn collega worden gelegerd in Yambio, dicht bij de Congolese grens. Als een Soedanese soldaat wordt vermoord, krijgen zij de opdracht de plaats delict te onderzoeken. De verdachte van de moord zit dan al in een cel van de plaatselijke politiepost. Als Michel zich met zijn collega hier meldt, is het erg druk op het terrein, vertelt Michel. ‘Opeens komen er acht militairen van het Soedanese beveili- gingsleger het terrein op. Ze gaan naar de cel en halen de van moord verdachte soldaat eruit. Even later vertrekken ze en na een kwartier zijn ze weer
VN-MISSIE Sinds zijn onafhankelijkheid
in 1956 kent Soedan een lange geschiedenis van interne
conflicten. Begin 2005 sloten de strijdende Soedanese
partijen een overeenkomst. Waarnemers van de United Nations Mission in Sudan
(UNMIS) hielden toezicht op een juiste naleving van de afspraken. Nederland, dat al in 2004 een militair leverde voor een andere VN-missie
in Soedan, droeg vanaf 2006 vijf jaar lang met tientallen militairen bij aan UNMIS. De Nederlandse bijdrage hield op toen Zuid-Soedan na
een referendum in juli 2011 onafhankelijk werd en het mandaat van UNMIS verliep.
terug, dit keer met getrokken pistolen. En ineens gaat het helemaal mis.’ De militairen schieten van dichtbij drie hoge politieofficieren dood. Op dat moment breekt de hel los: iedereen begint te schieten, politie én soldaten, ook op Michel. Michel en zijn collega kunnen ternauwernood ontsnappen via de prikkeldraad omheining van de politie- post en rennen naar het naastgelegen International Medical Corps, waar ze de huisjes op de compound als dekking gebruiken. Achter het eerste huisje treffen ze drie VN-medewerksters aan, die volkomen in paniek zijn. Ze realiseren zich het gevaar dat zij allen lopen. ‘Die soldaten zouden die vrouwen gevan- gengenomen hebben, als wisselgeld: drie vrouwen tegen de twee mannen die alles hebben gezien, wij dus.’ En dus nemen Michel en zijn collega de vrouwen mee op hun vlucht naar het 800 meter verderop gelegen VN-kamp.
Angst en paniek De vrouwen kunnen het tempo van de vlucht nauwelijks bijbenen. Uiteindelijk blijven ze letterlijk verlamd door angst in een veld liggen. Michel en zijn collega lopen nog dertig meter door, maar gaan dan toch terug om de vrouwen – desnoods hardhandig – mee te nemen. ‘De 800 meter naar ons eigen kamp waren verschrikkelijk lang. Al zig- zaggend probeerden we de kogels te ontwijken.’ Ze bereiken uiteindelijk de poort van het kamp, van waaruit over hun hoofden heen op de achtervol- gers wordt geschoten. Het vuurgevecht houdt nog zo’n twintig minuten aan. Daarna ebben de schoten weg. ‘Na het vuurgevecht sprak het Soedanese leger met onze comman- dant’, vertelt Michel. ‘Volgens de Soedanezen was er discussie over het loon van de soldaten en was de politie begonnen met schieten.’ ‘Dat is niet waar’, zei een van die VN-vrouwen toen. ‘Michel en zijn collega hebben alles gezien.’ Nu moesten die soldaten ons écht hebben. Voor het eerst was ik echt bang. We belden naar Khartoum, om evacuatie met een helikopter te vragen. Eenmaal in die helikopter voelden we ons twintig kilo lichter.’
OV MichelER
Michel Barbier begon in 1988 bij het Korps Mariniers, en stapte na een missie in Irak over naar de KMar. Na zijn opleiding werkte hij onder meer op Schiphol en bij de Brigade Speciale Beveiligings- opdrachten. Tegenwoordig is hij als teamleider verantwoordelijk voor de beveiliging van de koninklijke woon- en werkvertrekken. Michel houdt van wielrennen, langebaanschaatsen en roeien. Hij is getrouwd en heeft twee dochters.
Waardering Michel ging drie dagen naar huis, maar keerde daarna terug naar Safety & Security in Khartoum. ‘Ik wilde de missie toch goed afmaken.’ Hij schreef zelf het uitgebreide proces-verbaal. ‘De gebeurtenissen staan op mijn netvlies gebrand.’ Dat hielp bij de verwerking, net als het feit dat hij er met zijn collega goed over kon praten. In 2009 kreeg hij al een waarderingsspeld, maar de nieuwe onderscheiding kwam evengoed als een verrassing. ‘We deden ons werk, maar het is toch fijn als er waardering is voor wat je doet. Bij ons liep het goed af: we zijn allemaal ongedeerd gebleven en we konden het gebied uit. Maar de scheidslijn tussen heldendom en een stomme actie is dun.’
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76