WEEK 10-11 9 MAART 2016
VLAAMSE HAVENLUNCH IN TEKEN VAN WERELDWIJD VERBINDINGEN LEGGEN Samen eten om samen te werken
ANTWERPEN De bestuurders en de gebrui- kers van de Vlaamse havens treffen elkaar traditioneel begin maart om bij te praten en elkaars ontwikkelingen te volgen. Dit jaar was het onderwerp van de ontmoeting het groeiend belang van netwerken en verbin- dingen. Vooraanstaande sprekers gingen in op het belang van die verbindingen.
V
oor deze elfde editie van de jaar- lijkse netwerkontmoeting hadden zich bij organisator Management Producties rond 140 deelnemers
aangemeld. Zij werden op donderdag 3 maart rond het middaguur uitgenodigd in Grand Café Horta, midden in het winkelhart van Antwerpen. Het openingswoord werd gesproken door Jacqueline Galant, Minister van Mobiliteit van de Federale Regering van België. De Waalse politica was speciaal uit Brussel aangereisd en hield in vloeiend Nederlands een inspirerende toespraak. Daarin onderstreepte zij gelijk al het belang van samenwerking en verbindingen, enerzijds tussen de verschillende vervoersmodaliteiten, maar ook tussen de havens en verkeersknooppunten. Galant haalde aan, dat zij en haar collega mobiliteitsministers van de drie Belgische Gewesten onlangs het goede voorbeeld hebben gegeven. Voor het eerst sinds 2003 (!) zijn zij weer eens voor overleg bij elkaar gekomen. De vier bewindslieden zijn van plan dit voortaan ieder kwartaal te doen. Dat is belangrijk omdat de federale minister bijvoorbeeld over de Belgische spoorwegen en de luchtverkeersleiding Belgocontrol gaat, maar dat de bevoegdheid voor het scheepvaartverkeer daarentegen bij de gewestelijke ministers ligt. Galant pleitte voor meer ‘modal shiſt’, maar dacht daarbij vooral aan ‘haar’ spoor. Na deze ‘peptalk’ van de bewindsvrouw konden de deelnemers aanschuiven aan het rijkelijke Vlaamse buffet voor een uitgebreide netwerklunch. Daar konden oude relaties worden aangehaald en nieuwe aangeknoopt en de minister en haar woordvoerder mengden zich ook onder de gasten, waaronder zich ook een aantal Nederlanders bevonden. Zo gaf onder meer Frans Bijvoet, consul-generaal van het Koninkrijk der Nederlanden in Antwerpen acte de présence. De consul toonde zich zeer geïnteresseerd in de scheepvaart, maar moest bekennen, dat hij steeds minder voor de varende Nederlanders kan betekenen. Vanwege de bezuinigingen op het ministerie van Buitenlandse Zaken is de consulaire afdeling van het consulaat-generaal gesloten en houdt Bijvoet zich alleen nog met handelszaken bezig.
Sterke netwerken Na de lunch werden de deelnemers nogmaals welkom geheten door moderator prof. dr. Theo
Notteboom. De professor doceert behalve op de universiteiten van Antwerpen en Gent ook aan de Dalian Maritime University en was even over uit China. Hij gaf een inleiding op het thema van de middag vanuit internationaal perspectief. Dat de connectiviteit of verbindingen van een haven vooral afhankelijk is van de ligging van de betreffende haven illustreerde hij met Singapore, dat door zijn ligging op de punt van het schiereiland Malakka de meest gunstige situatie heeſt en het best verbonden is. Maar Vlaanderen heeſt wat dat betreſt volgens de hoogleraar ook niet te klagen met de ligging in de Scheldedelta en aan de Noordzee. Daarbij komt nog een goede infrastructuur. Het wereldwijde scheepvaartnetwerk is en wordt nog versterkt door de recente uitbreiding van het Suezkanaal en de opening van de nieuwe sluizen in het Panamakanaal in juni van dit jaar. Maar ook de Noordwest passage boven
het ingewikkelde Belgische staatsbestel en de bijzondere competentieverdeling tussen de gewesten en de federale overheid. Maar hij heeſt ook kritiek op de aparte positie van de Vlaamse havenarbeiders, die zeer beschermd is. Wat dat betreſt ziet de advocaat in de EU inbreukprocedure een unieke kans.
Samen slim Daarna volgde onder het motto ‘samen slim’ een tafelgesprek met Jef Hermans van Portmade, Steven Polmans, hoofd Cargo bij Brussels Airport, Kristian Vanderwaeren, administrateur Douane en Accijnzen van de FOD Financiën en Marc Huybrechts, directeur van Wijngaardnatie Logistics - Atlantic NV en tevens voorzitter van de Confederatie der expediteurs van België (C.E.B.) over het optimaliseren van ladinginformatie. Zij spraken over initiatieven om data slimmer te bundelen en te delen,
bouwmarktketens, in Nederland onder andere van de Praxis en Formido winkels. Hij vergeleek de logistieke uitdagingen van zijn huidige werkgever met die van zijn vroegere baas Chiquita en maakte duidelijk dat de logistieke keuzes vaak afhangen van het product. “Een banaan vraagt nu eenmaal een andere aanpak dan een inbouwkastje”, zei de bouwmarktman en lichtte toe dat het vervoer vanuit Oost-Azië per container naar hun centraal magazijn in Willebroek net zo goed en goedkoop via de haven van Rotterdam als via die van Antwerpen kan. Claesen introduceerde zichzelf met “Ik ben een trucker” en onderstreepte dit met het gegeven dat de Raben groep 58 procent van haar omzet uit het wegtransport haalt, voornamelijk in Oost-Europa, waar zij in acht verschillende landen actief zijn. Claesen benadrukte dat de verbindingen van havens met het achterland via Europese netwerken doorslaggevend zijn voor het succes van een haven.
Het afsluitende tafelgesprek van de havenbestuurders met v.l.n.r. moderator Theo Notteboom, Luc Arnouts, Daan Schalck en Paul Gerard. Foto Wilfried Veldhuijzen
Canada en de Noordelijke zeeroute boven Rusland bieden nieuwe perspectieven, aldus Notteboom, die vanuit zijn werk in China ook de ‘One Belt and One Road’ (OBOR) plannen ten aanzien van de oude zijderoute over land wilde noemen.
Zijn collega prof. dr. Eric Van Hooydonk, professor Havenrecht Universiteit Gent en havenadvocaat in Antwerpen bekeek vervolgens de slagkracht van de Vlaamse havens vanuit hun historie. Die toonde enerzijds forse groei en anderzijds stabiliteit. In de periode 1980-2014 is de totale productiviteit van de Vlaamse zeehavens verdubbeld. Maar tegenover de reusachtige groei van Antwerpen (in 2015 meer dan 200 miljoen ton overslag) blijſt Gent stabiel rond de 25 miljoen ton per jaar en terwijl Zeebrugge (containerhaven) groeit is Oostende in de laatste jaren gekrompen door het verlies van roro- en ferryverkeer. Al met al blijſt het marktaandeel van de vier Vlaamse zeehavens in de Hamburg-Le Havre- range stabiel op 25 procent, zo de professor. Vanuit zijn werk als havenadvocaat haalde Van Hooydonk vervolgens een aantal juridische problemen aan, die hij in de dagelijkse praktijk tegenkomt. Voor een groot deel wijt hij die aan
zodat logistieke processen efficiënter kunnen verlopen en vroegen zich af wat zij gezamenlijk kunnen doen, waar zij van elkaar kunnen leren en waar verbetering nodig is. Terwijl de eerste drie sprekers in hun korte inleiding vooral focusten op de technische kant van deze vraagstukken, keek Huybrechts vooral naar de menselijke kant, want ‘mensen moeten het doen’, aldus de expediteur. Hij verdeelde daarbij op ludieke wijze de mensen, die in de havens werken in vier generaties: de Babyboomers (geboren tussen 1940 en ’64), de ‘Pragmatic X’ (’65 – ’79), de ‘Social Y’ (’80-’92) en de ‘Z-generatie’, van na 1990 die nu in de havens beginnen in te stromen. Huybrechts maakte duidelijk, dat het vooral van belang is dat de verbindingen en de samenwerking tussen die vier generaties wordt geoptimaliseerd. “We moeten de jeugd de kans en volmachten geven”, is zijn stelling.
Vervolgens gaven Kris Van Ransbeek, directeur Supply Chain van de Maxeda DIY Group en Serge Claesen, directeur Raben Group hun visies op efficiënte netwerken en verbindingen binnen het Europese achterland. Van Ransbeek keek vanuit het oogpunt van de verlader; de Maxeda groep is de moeder van een aantal
Gewoontegetrouw hebben bij de Vlaamse Havenlunch de bestuurders van de havenbedrijven het laatste woord. In het afsluitende tafelgesprek vroeg prof. Notteboom aan Luc Arnouts (Antwerpen), Daan Schalck (Gent) en Paul Gerard (Oostende) naar het belang van sterke netwerken en optimale verbindingen voor hun havens, welke keuzes zij daarbij maken en waar zij de komende jaren op inzetten. Arnouts reageerde positief: “Wij zijn al intensief bezig met IT-ontwikkeling”. Hij haalde ook een aantal inland terminal projecten naar voren. “Wij moeten ons hok loslaten”, zei Schalck en bedoelde dat de havens de vaste patronen moeten verlaten. “We moeten inderdaad de generatiekloof overbruggen”, zei de Gentse havenbaas. Gerard gaf aan dat zijn haven de ladingbehandeling heeſt losgelaten en zich heeſt ontwikkeld tot servicehaven voor ‘alles wat er op de Noordzee gebeurt’. Oostende is toch blij met het plan om aan het kanaal naar Brugge twee inland terminals te creëren en waardeert de aandacht van de Vlaamse overheid voor de achterlandverbindingen. Gerard is daarbij vol lof voor de Vlaamse havencommissaris Jan Blomme. In de afsluitende vragenronde kwam de ‘Y-generatie’ gelijk al aan het woord. Zo meldde zich een vertegenwoordiger van de ‘Young Maritime Potentials’ en ontstond er tot slot een geanimeerde discussie met de havenbestuurders, die van een oudere generatie zijn. Een discussie die tijdens de netwerkborrel kon worden voortgezet.
Tracébesluit vastgesteld Nieuwe Sluis Terneuzen
ROTTERDAM Minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu heeſt het Tracébe- sluit vastgesteld voor de Nieuwe Sluis in Ter- neuzen. Het is het sluitstuk van de ruimtelij- ke procedure die Nederland moest doorlopen voor de realisatie van de Nieuwe Sluis. Met de bouw van de Nieuwe Sluis verbetert de toegang naar de havens van Terneuzen en Gent. De capaciteit van het sluizencomplex wordt aanzienlijk groter, waardoor de wacht- tijden verbeteren. Het gaat om een cruciale schakel op de toekomstige as Rotterdam-Pa- rijs, via de Seine-Scheldeverbinding.
Minister Schultz is blij met de nieuwe mijlpaal. “Zoals het er nu voor staat, kan in het derde kwartaal van 2017 de schop in de grond. Deze nieuwe sluis betekent een vlottere doorvaart tussen Nederland, België en Frankrijk. Hier- mee verstevigen we de concurrentiepositie van de maritieme sector in Noordwest-Euro- pa voor zowel binnenvaart, zeevaart als de
havens. Het is een impuls voor een duurzame groei van de Nederlandse economie”.
Nederlands-Vlaams project De Nieuwe Sluis bij Terneuzen is een Neder- lands-Vlaams project, uitgevoerd door de Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie. In februari vorig jaar tekenden minister Schultz en haar Vlaamse collega minister Weyts van Mobiliteit en Openbare Werken het Verdrag voor de aanleg van de nieuwe sluis met daarin politieke, juridische en financiële afspraken. Het Verdrag is inmiddels door beide parlemen- ten goedgekeurd en is ingegaan op 1 maart.
Ben Weyts, de Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken, deelt het enthousiasme van minister Schultz: “Vlaanderen en Neder- land werken samen aan een Nieuwe Sluis die schepen tot 120.000 ton vrije doorvaart geeſt naar de Haven van Gent. Terneuzen staat voor een metamorfose: de Nieuwe Sluis wordt
2,5 meter dieper, 15 meter breder en 137 meter langer. Een ambitieus investeringsproject met veel lef en nog meer toekomst”.
Belangrijke schakel Het kanaal Gent-Terneuzen is een belang- rijke schakel in de scheepvaartverbinding tussen Nederland, België en Frankrijk. De Nieuwe Sluis wordt gerealiseerd binnen het huidige sluizencomplex van Terneuzen. In het Tracébesluit staat een gedetailleerde uit- werking van de gekozen ligging van de sluis. Het Tracébesluit ligt tussen 15 maart en 25 april ter inzage. De aanbesteding vindt plaats als de minister het uitvoeringsbesluit heeſt genomen.
Kosten
Nederland levert volgens het Verdrag een vaste bijdrage van 188 miljoen euro voor de realisatie. Vlaanderen betaalt de rest van de werkelijke kosten. De totale kosten voor
aanleg en 30 jaar beheer en onderhoud wor- den geraamd op 1,14 miljard euro. Voor het project is 48 miljoen euro Europese subsidie (Connecting Europe Facility) toegezegd.
Ben Weyts
DIT WORDT EEN AMBITIEUS INVESTE- RINGSPROJECT MET BALLEN AAN HET LIJF: EEN KRACHTIGE BOOST VOOR DE HAVEN VAN GENT EN DE BEDRIJVEN IN DE KANAALZONE GENT-TERNEUZEN.
5
Uw partner in scheepsverven @nelfpaints
www.nelfmarine.nl
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56