Borstbeenbreuken kunnen ontstaan door ongelukken bij het navigeren door een volièresysteem en door verkeer op de nachtzitstok. Vervor- mingen van het borstbeen worden vooral in verband gebracht met zitstokgebruik en -ontwerp en genetische aanleg. Ze nemen toe met de leeftijd van de kippen.
meerwaarde heeft voor de pluimveehouder. Hij kan dan immers op tijd maatregelen tref- fen om escaleren te voorkomen. De ontwikkelde module hebben we uitgetest met drie beoordelaars die het protocol toege- past hebben op een koppel hennen. Omdat we in die periode niet op praktijkbedrijven terecht konden vanwege AI, hebben we de beoordeling uitgevoerd op het proefbedrijf Carus, waar leghennen zaten van lijnen die geselecteerd waren op veel en weinig veren- pikken. Alle beoordelaars hebben tweemaal dezelfde kippen beoordeeld. Zo kon de her- haalbaarheid van de scores beoordeeld wor- den per beoordelaar en tussen beoordelaars. De herhaalbaarheid van het protocol bleek wel afhankelijk van de ervaring van de beoor- delaar, maar was over het algemeen goed. Het vreemde was echter, dat de hennen uit de se- lectielijn ‘laag-verenpikken’ de meeste kleine veerschade leken te hebben, terwijl uit onder- zoek aan dezelfde kippen gebleken was dat deze dieren helemaal niet verenpikken. De vraag is dan ook wat de betekenis is van de kleine veerbeschadigingen. Zijn ze inderdaad
veroorzaakt door verenpikkerij of is er een an- dere oorzaak? In eerder onderzoek kregen we al de indruk dat niet alle kleine veerbeschadi- gingen, die wij als ‘verenpik-schade’ scoorden, daadwerkelijk die oorzaak hadden. Is het puur verenpikken of is het een combinatie van fac- toren, waaronder verenpikken? We weten het niet. Om deze reden hebben wij de module Bevedering niet verder ontwikkeld. We den- ken dat er eerst onderzoek nodig is om te kij- ken waardoor deze veerbeschadigingen daad- werkelijk zijn ontstaan. En wat dus de betekenis is van deze kleine beschadigingen.
Module Borstbenen Borstbenen van leghennen horen volledig recht te zijn met een vrij scherpe rand. We zien tegenwoordig echter heel veel afplattingen, deukjes, bobbels, een iets omgeklapt borst- been of een borstbeen met een S-bocht. Het is niet duidelijk of al deze vervormingen dezelf- de oorzaak hebben en in welke mate leeftijd, voeding, productie en/of huisvesting meespe- len. Verder is niet bekend of vervormingen van het borstbeen überhaupt enige invloed op het
dier hebben en zo ja of er dan verschil is tus- sen de ene en de andere vervorming. Bij ernstige vervormingen is er eigenlijk altijd sprake van een gebroken borstbeen. Op de breuklijn zelf is gewoonlijk een verdikking te voelen en het afgebroken stuk bot kan onder een afwijkende hoek vastgroeien. Botbreuken zijn pijnlijk en dus een welzijnsbeperking. Daarom krijgen de breuken in het WQ-pro- tocol een zwaardere score dan de vervor- mingen. Het is echter niet altijd makkelijk om het ver- schil te voelen tussen een vervorming en een goed geheelde breuk. Om die reden is er wat voor te zeggen om de vervormingen onder te verdelen in lichte, matige en ernstige vervor- mingen. Dit hebben we in de module gedaan. Daarnaast hebben we onderscheid gemaakt tussen borstbenen die slechts één breuk had- den en borstbenen die meerdere breuken hadden. Bij het uittesten van de modules bleek het erg moeilijk om de mate van vervorming be- trouwbaar te meten. Er was te weinig over- eenkomst in de scores tussen waarnemers en
▶PLUIMVEEHOUDERIJ | 27 september 2018 23
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40