842 | WEEK 38-39 21 SEPTEMBER 2016
Bouw grootste zeesluis ter wereld van start
te behouden of zelfs te versterken tot derde haven in Europa”. Na bijna honderd jaar is de Noordersluis in IJmuiden aan vervanging toe. Een nieuwe gro- tere zeesluis moet ruimte bieden aan steeds groter wordende zeeschepen en hiermee de bereikbaarheid van de haven van Amsterdam verbeteren en de economie in de regio sti- muleren. Vanwege de omvang een uitdagend werk, want tijdens de bouw moeten zowel de wegverbinding over het sluizencomplex als het sluizencomplex zelf, zo veel mogelijk ongehinderd bereikbaar blijven. De nieuwe sluis is naar verwachting in 2019 beschikbaar voor de scheepvaart.
Bouw Artist impression van de nieuwe zeesluis in IJmuiden. Bron Rijkswaterstaat
IJMUIDEN Minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) heeſt woensdag 7 september samen met de provincie Noord-Holland, gemeente Amsterdam, Havenbedrijf Amsterdam NV en de burgemeester van gemeente Velsen, het officiële startsein voor de bouw van de nieuwe zeesluis in IJmuiden gegeven. De nieuwe sluis, die 500 meter lang, 70 meter breed en 18 meter diep gaat worden, wordt hiermee de grootste zeesluis van de wereld.
Minister Schultz van Haegen: “Deze meg- aklus is een prachtig voorbeeld van inventief bouwen. Er wordt gebouwd op een heel klein gebied tussen de andere sluizen in. En
dat terwijl de winkel open moet blijven. De nieuwe sluis zorgt voor een betere bereikbaar- heid en zet de deuren open voor de haven van Amsterdam om haar positie in Europa
PROGNOSE GOEDERENVERVOER DUITSLAND
Vracht per binnenschip stabiel op laag niveau
DÜSSELDORF In dit en de komende twee jaar zal het goederenvervoer in Duitsland licht groeien. Hiervan profiteert met name het wegtransport en de luchtvrachtsector. Vervoer over het spoor als ook per binnen- schip herstelt zich dit jaar ten opzichte van ‘catastrofejaar’ 2015, maar blijſt vervolgens in 2017 en 2018 min of meer stabiel. Dit is het gevolg van afnemende volumes bulk- goederen op de markt.
maar ook staal, chemie en grondstoffen. Op grond van de tolstatistieken is een toename van buitenlandse vrachtwagens geconsta- teerd. Een trend die doorzet.
- De binnenvaart had door de lange perioden van laagwater aan de rivieren een slecht 2015. Het vrachtvolume nam in dat jaar met 3,1 procent af, terwijl het aantal tonnenkilo- meters nog veel sterker afnam met 6,4 pro- cent. In 2016 wint de binnenvaart iets van zijn verloren volumes terug maar de sector blijſt onder het niveau van 2014, en zal dat ook in 2017 en 2018 slechts mondjesmaat weer kunnen goedmaken. TCI Röhling wijt dit aan de afname van bulkgoederen (steen- kool) in de handel.
Het adviesbureau TCI Röhling Transport Consulting International uit Keulen heeſt een korte termijn prognose opgesteld over per- sonen- en goederenvervoer in Duitsland. Dit gebeurde in opdracht van het ministerie van verkeer en digitale infrastructuur. Het rapport werd in juli bekend gemaakt. In het rapport wordt een vergelijking met 2015 getrokken. Ook stroomde de ontwikkeling van de eerste maanden van 2016 in de analyses.
De algemene conclusies voor Duitsland op het gebied van vrachtvervoer zijn: - Meer vervoer, maar minder dan in 2015 ge- prognosticeerd. Dit komt omdat wereldwijd de economie minder groeit, en de handel met Rusland is afgenomen. In 2015 werd 4256 miljoen ton getransporteerd. Voor 2018 verwacht TCI Röhling een vrachtvolu- me van 4308 miljoen ton (een groei van 0,41 procent op jaarbasis).
- Het grensoverschrijdend verkeer neemt toe, terwijl het intra-Duitse verkeer afneemt. Dus meer doorvoer, import- en exporttrans- port dan transport waarbij Duitsland als begin- en eindbestemming geldt. Dit heeſt met de mondialisering van productielo- caties te maken. Daardoor importeert Duits- land steeds meer consumentengoederen,
Het aandeel van het totale transportvolume dat in Duitsland per binnenschip wordt afge- werkt, blijſt echter 5,2 procent in de komende jaren. De grootste transportsector blijſt het wegvervoer met 84,1 procent. Ook het spoor- vervoer blijſt stabiel op een aandeel van 8,6 procent. Dus naar volume gemeten verandert er niet veel. Wel is er een verschuiving naar het aandeel in tonnenkilometers (tkm). Hier verliest de binnenvaart 0,3 procent in de komende drie jaar, van 8,3 naar 8,0 procent. Dit aandeel neemt het wegvervoer over. Dus relatief ‘verschuiſt’ de truck meer waren dan het schip in de nabije toekomst. Alleen een radicale verandering van de olieprijs (naar bijvoorbeeld het niveau van 2007 of 2012) kan deze tendens tegenwerken.
De TCI Röhling studie gaat bij zijn analyses uit van een stijgende bevolking in Duitsland door de hoge immigratiecijfers. Hier heeſt een demografische ommekeer plaats gevonden, omdat tot 2015 de bevolking in Duitsland stagneerde en men van een teruglopende bevolking uitging. Het gevolg is een gezonde ontwikkeling van de binnenlandse consump- tie in Duitsland. Ook gaat men ervan uit dat de Duitse export groeit op jaarbasis, met zo’n 1,5 procent. Verder verwacht men dat de olieprijzen licht gaan stijgen en relatief laag blijven.
De bouw van de zeesluis is inventief zoals onder meer blijkt uit bijvoorbeeld de bouw van de deurkassen. De deurkas is een grote betonconstructie waar de sluisdeuren inrollen als ze opengaan. De deurkassen, die 80 bij 55 meter en 80 bij 26 meter zijn, worden op maaiveld gebouwd en vervolgens afgezonken. Het voordeel van deze methode is dat er niet eerst een diepe bouwkuip gemaakt hoeſt te worden die veel omgevingshinder en risico’s voor de bestaande sluizen en waterkering kan opleveren.
Ook op arbeidsmarktgebied is de bouw van de zeesluis vooruitstrevend. Aan- nemersconsortium OpenIJ zoekt bij de
15
werkgeversservicepunten Groot-Amsterdam, IJmond Werkt! en Zuid-Kennemerland men- sen uit de regio die langer dan drie maanden geen werk hebben en biedt hen een tijdelijk werktraject aan. Er zijn al diverse arbeids- plaatsen gecreëerd voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ook start dit schooljaar een lesprogramma voor scholen in de regio om op die manier jongeren te enthousiasmeren voor een carrière in de techniek.
Uitkijkpunt Om de bouwwerkzaamheden van dichtbij te bekijken, is er een uitkijkpunt gebouwd ten noorden van de Noordersluis. Het uitkijkpunt is 12 meter lang, 3 meter breed en 6 meter hoog. Maximaal vijſtig mensen kunnen op het plateau staan om van dichtbij de bouwwerk- zaamheden gade te slaan. Het project is een samenwerkingsverband van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, de provincie Noord-Holland, de gemeente Amsterdam, Havenbedrijf Amsterdam NV en de gemeente Velsen. Dit project wordt medegefinancierd vanuit het CEF (voorheen TEN-T) programma van de Europese Unie. De verantwoordelijkheid voor de bouw en 26 jaar onderhoud van de zeesluis ligt bij het consor- tium OpenIJ van de sluis. De nieuwe zeesluis is onderdeel van het Sluizenprogramma van Rijkswaterstaat. Dat omvat zes projecten: keersluis Limmel, 2e kolk Eefde, 3e kolk Beatrixsluis, Zeetoegang IJmond, Zeesluis Terneuzen en de Afsluitdijk.
Opnieuw record voor shortsea vracht eerste helſt 2016
ANTWERPEN De vier Vlaamse zeehavens behandelden in de eerste helſt van 2016 76,1 ton shortsea scheepsvracht. Daarmee komt het tonnage op het hoogste niveau sinds 1999, na het vorige recordjaar 2015. Dat betekent een groei van bijna 3 miljoen ton (+ 4 procent) ten opzicht van het vorige recordjaar 2015.
Het aandeel van het shortsea transport tegen- over de globale overslag in de Vlaamse havens bedraagt 53,40 procent. Opnieuw een bewijs van een stevige verankering in de Europese transportketens, laat het Promotiebureau Shortsea Shipping Vlaanderen weten. In absolute cijfers werd eind juni 2016 in totaal 76.109.991 ton behandelde shortsea vracht voor de vier havens samen (import en export) genoteerd. Met 15.295.243 ton was Zeebrugge de sterkste groeier in absolute cijfers. De groei ten op- zichte van het eerste semester 2015 bedraagt net geen 1,3 miljoen ton, bijna 9,2 procent. De haven van Gent kende met 9.081.73 ton ook een stijging van bijna 1 miljoen ton ten op- zichte van januari-juni 2015. Antwerpen had met 51.025.762 ton de grootste behandelde sss overslag en had een groei van 554.683 ton. De haven van Oostende steeg opnieuw naar een shortsea vracht van 707.913 ton en wint ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar bijna 20 procent.
Importhavens Antwerpen, Gent en Oostende zijn duidelijk importhavens voor shortsea. Zeebrugge profi- leert zich iets sterker op export dan op import. Zeebrugge groeit op de export naar onder meer het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Egypte en Zweden. Zweden scoort ook voor im- port sterk. Antwerpen bouwt op een aantal sterkhouders voor de import als Noorwegen, Rusland, Spanje, Turkije, Finland, Algerije, Zweden, en qua export op onder meer Spanje, Turkije, het Verenigd Koninkrijk. Gent werkt verder op een breed pallet voor de import met onder meer Rusland, Zweden, Noorwe- gen, Letland, het Verenigd Koninkrijk en ziet groei voor export naar Turkije en het Verenigd Koninkrijk. De haven van Oostende zag de im- port van het Verenigd Koninkrijk sterk groeien en speelt ook haar rol als draaischijf voor de windmolen projecten.
Geografische ligging Het percentage shortsea ten opzichte van de totaal behandelde lading hangt sterk samen met de geografische ligging van de haven. Oostende scoort bijna 100 procent. Antwer- pen is een meer in het hinterland gelegen haven en heeſt 47,11 procent shortsea lading. Gent en Zeebrugge halen respectievelijk 64,37 en 78,88 procent. Shortsea shipping blijſt een zeer belangrijke sector voor de vier Vlaamse havens, geïllustreerd door het aandeel van bijna 53,40 procent in alle behandelde mari- tieme tonnage. Short sea shipping op de binnenwateren (zee-rivier) deed het opnieuw beter in het eerste semester 2016 met een stijging van in totaal 23.348 ton ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Het Zeekanaal Brussel- Schelde tekende 560.128 ton op (+ 17.744 ton). Voor het Albertkanaal werden 118.212 tonnen genoteerd, een stijging van 5.604 tonnen. De zeerivierschepen hebben het logis- tieke voordeel de lading ver landinwaarts te brengen/halen, vaak tot op een los/laadplaats dichtbij de eindklant.
CDNI viert 20-jarig jubileum in beeld
STRAATSBURG Op 9 september 1996, twin- tig jaar geleden is het Verdrag inzake de verzameling, afgiſte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart (CDNI) onder- tekend. Naar aanleiding van dit jubileum presenteert het CDNI een animatiefilmpje.
Het filmpje, te bekijken via de website van het CDNI, is bestemd voor een groot publiek dat in vijf minuten het internati- onale verdrag op educatieve en speelse wijze kan ontdekken. Het tekenfilmpje toont de manier waarop schippers en ex- ploitanten met de verschillende soorten afval in de binnenvaart moeten omgaan en de hulpmiddelen waarover zij kunnen beschikken om het CDNI op de juiste manier na te leven.
u
Bekijk hier de animatiefilm van het CDNI
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50