24 praktijk
nis op dit gebied. Dat is ook juist de reden dat de richt- lijn ten opzichte van de eerdere versie uit 2007 op dit punt veranderd is, zegt Laheij: om tandartsen inzicht te geven in de mogelijke problemen rondom unitwater en deze op te lossen. In de oude richtlijn was al opgenomen dat tandartsen aan een bepaalde norm moeten voldoen, alleen was de controle daarvan nog niet verplicht. Dat is nu wel het geval. Het unitwater moet minimaal elk half jaar ge- test worden. Bij tweeëntwintig graden Celsius mag het unitwater maximaal honderd kolonievormende eenhe- den (KVE) per milliliter bedragen. Ligt het aantal hoger, dan moeten beheersmaatregelen worden genomen. Als het aantal KVE boven de tienduizend uitkomt, dan moeten de behandelunits worden gecontroleerd op de aanwezigheid van levende legionellabacteriën.
Bovenkarspel Die eisen zijn, anders dan tandartsen soms denken, wel degelijk gebaseerd op wetgeving en literatuur, zegt Laheij. Zo heeſt de Drinkwaterwet de drinkwaternorm op maximaal honderd KVE per milliliter gesteld. In de herziene richtlijn is daarom deze norm aangehouden. Daarnaast is in de Arbowet een verplichting voor werk- gevers opgenomen om te controleren op legionella. De getallen bij de controle van unitwater (zie kader) komen voort uit algemene microbiologische principes, geeſt Laheij aan. “Boven de tienduizend KVE is de bio- film in aanvoerslangen van de unit veel dikker en de kans op legionella veel groter.” Wel degelijk op de wetenschap gebaseerd dus, alleen niet op gerandomiseerde klinische patiëntstudies, zoals tandartsen haar wel eens voorhouden. Dat is echter ook niet mogelijk, zegt Laheij. “Dat zou in dit geval een onderzoek betekenen waarbij de ene helſt van de patiënten wordt behandeld met water dat voldoet aan de norm, en de andere helſt met water boven de tienduizend KVE per milliliter, om vervolgens te kijken naar de consequenties. Dat is ethisch natuurlijk niet verantwoord.” In feite is verder onderzoek ook niet nodig, vindt La- heij. “Het is aangetoond dat het inademen van legio- nellabacteriën in water kan leiden tot ziekte.” Ze doelt daarbij onder meer op de legionella-uitbraak op de Westfriese Flora in Bovenkarspel in 1999, waarbij 200 mensen ziek werden en 32 mensen overleden door inademen van de Legionalla pneumophila bacterie. Daarnaast is een geval bekend van legionellabesmet- ting door een tandartsunit, in Italië. De patiënt overleed hier later aan. Ook het argument van tandartsen dat bij hen in de stoel nog nooit iemand ziek is geworden, houdt geen stand, vindt Laheij. “Niemand denkt eraan
NEDERLANDS TANDARTSENBLAD jaargang 71/16, 7 oktober 2016,
www.ntdigitaal.nl
dat de oorzaak van de ziekte misschien wel eens bij de tandarts kan liggen. Dat is ook moeilijk aan te tonen. Maar het kan zeker wel.”
Kwetsbare patiënten Het blijkt nog niet makkelijk om onder te norm te blij- ven. Onderzoek van ACTA uit 2012 toonde aan dat drie- kwart van de units niet voldeed aan het maximum van honderd KVE per milliliter. Daarbij is niet gekeken hoe ver boven de norm de units scoorden. Gegevens van bedrijven die het water voor praktijken kunnen testen of zelſtests aanbieden, geven een wisselend beeld. Van Beurden geeſt aan dat zijn bedrijf vóór het ingaan van de herziene richtlijn meer overschrijdingen vond. Van Beurden: “Het lijkt er dus wel op dat praktijken bewus- ter bezig zijn met waterkwaliteit en bijvoorbeeld de beheersmaatregelen strikter opvolgen.” Na het ingaan van de herziene richtlijn scoorde bij volledig geaccredi- teerde testen van Aqua2Dental 64 procent van de prak- tijken onder de norm van honderd KVE per milliliter, 34 procent kwam boven die norm uit, maar bleef onder de tienduizend KVE per milliliter en 2 procent scoorde daarboven. Bij de praktijken waarvan Dental WaterTest het afge- lopen half jaar het water controleerde, lagen de cijfers anders. Zeventig procent bleek niet te voldoen aan de norm en bij maar liefst de helſt van alle door hen gecontroleerde praktijken bleek het aantal kolonievor- mende eenheden per milliliter zelfs boven de tiendui- zend te liggen. Van die praktijken werd bij 63 procent legionellabacteriën aangetroffen. Daarbij ging het in geen van de gevallen om de voor de gezondheid ge- vaarlijke Legionella pneumophila. Een hoog aantal, vindt ook Laheij. “Het kan een pro- bleem betekenen voor mensen met een verminderde afweer, zoals medisch gecompromiteerde patiënten, ouderen en kinderen.” Rietmeijer vult aan: “We krijgen hoe langer hoe meer te maken met medisch gecom- promiteerde patiënten, die vatbaarder zijn voor infec- ties. Ook deze patiënten hebben recht op een veilige behandeling en deze patiënten zijn dus de norm voor inspanningen op infectiegebied.” Als er Legionella pneumophila in het water wordt gevonden, moet de praktijk worden gesloten tot het probleem is opgelost. Bij andere vormen van legionella is dat niet het geval, maar Laheij adviseert tandartsen te overwegen om dan geen kwetsbare patiënten te behandelen.
Zelftest Tandartsen kunnen de controle uitbesteden, maar ook zelf doen. Beide manieren zijn in orde, zeggen Laheij en Rietmeijer. Inmiddels zijn veel bedrijven in het gat
NEDERLANDS TANDARTSENBLAD jaargang 71/16, 7 oktober 2016,
www.ntdigitaal.nl
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52