search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
de koe uit


Hoe beoordeel je als veehouder wat de oorzaak is van de klauwproblemen bij jou in de stal? Een koppelbehandeling is een goede nulmeting bij de aanpak van klauwproblemen. Nieuw is de mogelijkheid om via melk informatie te verzamelen over klauwgezondheid. TEKST TIJMEN VAN ZESSEN


D


e klauwgezondheid is de afgelopen tien jaar ver- beterd. Uit cij fers van DigiKlauw komt naar voren dat het aandeel koeien dat vroeg of laat een klauw- aandoening heeft doorgemaakt, met twintig procent is afgenomen ten opzichte van 2007 (fi guur 1). ‘We zien dui- delij k een dalende trend, zowel bij zwartbont als bij rood- bont. Het aandeel koeien met een stinkpoot of een zool- bloeding is zelfs meer dan gehalveerd’, vertelt Pieter van Goor, fokkerij specialist bij CRV. Er is wel een toename van het aantal wittelij ndefecten van ongeveer 30 procent. Bij de klauwaandoening mortellaro is nog niets gewonnen. Van Goor: ‘Mortellaro zit al jaren op hetzelfde niveau en is nu de meest voorkomende klauwaandoening .’ De verzameling van gegevens via DigiKlauw begon in 2006. Inmiddels bevat de database gegevens van meer dan 1,2 miljoen bekapte koeien. Voldoende om stevige uitspraken te kunnen doen over de trend in klauwgezondheid.


Voeding de makkelijkste knop Klauwproblemen zij n bij uitstek multifactorieel. Dat wil zeggen dat meerdere oorzaken een rol kunnen spelen. De belangrij kste drie zij n: voeding, infectiedruk en belasting (huisvesting). De Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) heeft dit uiteengezet in een schema (pagina 37). Infecti- euze klauwaandoeningen, zoals tussenklauwontsteking, stinkpoot en mortellaro, zij n aan te pakken door het verlagen van de infectiedruk. Denk daarbij aan schone vloeren, droge ligplaatsen en het vermij den van overbe- zetting. Niet-infectieuze klauwaandoeningen, zoals wit- telij ndefecten, zoolbloedingen en zoolzweren, zij n te voorkomen door de klauwen minder te belasten. Denk aan het verkorten van statij d in de wachtruimte, het ver- hogen van de ligtij d en het voorkomen van onhandige draaipunten voor de koe. Volgens Menno Holzhauer, rundveedierenarts en klauw- gezondheidsspecialist bij de GD, is voeding van melk- koeien een belangrij ke knop om aan te draaien. Matige voeding is een risicofactor voor elk type klauwaandoe- ning. ‘Ik adviseer melkveehouders te zorgen voor een goed rantsoen, daar heb je het gemakkelij kst invloed op. De drogestofopname en de herkauwactiviteit zij n maatge- vend voor de kwaliteit van het rantsoen.’ Holzhauer wij st op een aantal risico’s die je met voeding kunt corrigeren. Zo moet het ruweiwitgehalte van het totale rantsoen tussen de 16 en 18 procent uitkomen. Een hoog ruweiwit-


veeteelt MAART 1 2019 35


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60