PORTRET JAN BREEMBROEK
bij de rol van coöperaties. ‘We moeten blij zij n dat coöpe- raties leidend zij n in de zuivelsector. Ze zij n de trend- en prij szetters. Natuurlij k gedragen particuliere organisaties zich hier ook netjes en betalen ze vergelij kbare prij zen. Maar kij k in landen om ons heen wat er gebeurt met de melkprij s wanneer coöperaties een bescheiden rol spelen. Die positieve invloed van coöperaties wordt door som- mige veehouders wel erg gemakkelij k vergeten.’
Einde quotering heeft niets opgeleverd Dat regelgeving de afgelopen decennia steeds vaker een rol speelt in de resultaten op bedrij ven is voor Breembroek een gegeven. ‘Boeren met werkhanden zij n veranderd in administratief sterke ondernemers. De veehouders die dwars tegen de regelgeving in willen gaan, zij n er steeds minder; er is een nieuwe generatie boeren opgestaan die steeds beter haar weg vindt in de regelgeving.’ De vele regels zij n volgens Breembroek een logisch ge- volg van boeren in een land met een hoge bevolkings- dichtheid. Toch staat zij n naam onder een open brief die Flynth in 2017 naar Martij n van Dam, de toenmalige staatssecretaris van Landbouw, stuurde over de steeds wij zigende regelgeving rondom fosfaatwetgeving. Onduidelij kheid is voor veehouders funest. Zonder dui- delij kheid kunnen veehouders geen goede, duurzame beslissingen nemen voor de lange termij n, zo was de strekking van de brief.
De positieve invloed van coöperaties wordt soms wel erg gemakkelijk vergeten’
Breembroek glimlacht. ‘O ja, die brief. Het was een van de weinige keren dat we een punt wilden maken richting de politiek. Zeg nu eerlij k: wat heeft het afschaffen van het quotum de sector opgeleverd?’ Hij wacht het ant- woord niet af. ‘Het is pij nlij k dat het zover heeft moeten komen dat we nu weer met fosfaatrechten zitten opge- scheept. Want natuurlij k zagen ook wij de dieraantallen in onze boekhoudingen oplopen. We hebben regelmatig overleg gehad met het ministerie, met de RVO en met belangenbehartigers om tendensen te signaleren, maar niemand die opriep tot actie. De belangenbehartigers deden niets, de zuivel niet. Wie als eerste aan de bel zou trekken, zou de gebeten hond zij n geweest. En de over- heid deed niets omdat de sector het zelf zou oplossen. Maar dat is dus helemaal misgelopen.’
Gedreven boeren hebben toekomst De sector zit door de hoge kostprij s van productierechten en grond fl ink op slot. Toch blij ft Breembroek optimis- tisch. ‘Van alle landbouwsectoren heeft de melkveehou- derij een heel sterke positie. Grondgebonden landbouw heeft toekomst. En ik zie nog zoveel gedrevenheid onder boeren’, zo constateert Breembroek. ‘Iemand die boer is, wil boer blij ven. Soms tegen hoge prij zen zoals het ma- ken van veel uren en weinig verdienen. Boeren gaan soms wel erg ver. Maar aan de andere kant heeft die drive de Nederlandse melkveesector ook veel gebracht.’ Breembroek voorziet toekomstige bedrij ven van 200 koei- en, waar dankzij vergaande automatsering de veehouder er ook nog een baan buiten de deur op nahoudt. ‘Die 14 miljard kilo melk per jaar, die blij ft de sector hier wel produceren. Wel met minder boeren en met meer koeien per bedrij f. Bedrij ven krij gen een breder verdienmodel, ze gaan verder verduurzamen. Daar liggen nog wel de no- dige uitdagingen. Maar de kansen om echt te onderne- men in de melkveehouderij waren nog nooit zo groot.’ l
22 veeteelt MAART 1 2019
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60