WEEK 24-25 15 JUNI 2016
Voorstel voor verzelfstandiging Havenschap Moerdijk
21
Schultz van Haegen: Nederlandse infra- structuur in 2030
energieneutraal DEN HAAG In een brief aan de Tweede Kamer maakte minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) onlangs haar ambitie bekend voor de toepassing van duurzame innovaties in de infrastructuur. Zo wil de minister dat de infrastructuur in beheer bij Rijkswa- terstaat - wegen, vaarwegen en water- keringen, sluizen en bruggen - in 2030 volledig energieneutraal draaien.
MOERDIJK Het college van de gemeente Moerdijk en Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant stellen de gemeenteraad van Moerdijk en Provinciale Staten van Noord- Brabant voor om akkoord te gaan met de verzelfstandiging van Havenschap Moerdijk.
Dit houdt in dat alle bedrijfsactiviteiten van Havenschap Moerdijk worden uitgeplaatst naar een op te richten Havenbedrijf Moerdijk NV. De huidige gemeenschappelijke rege- ling blijſt in aangepaste vorm in stand voor de financiering van Havenbedrijf Moerdijk NV. De verzelfstandiging vloeit voort uit de Havenstrategie 2030 en is nodig om de
doorontwikkeling van het Havenschap moge- lijk te maken. Medio juli nemen de gemeente- raad van Moerdijk en Provinciale Staten van Noord-Brabant een besluit over het voorstel. Het is de bedoeling dat de nieuwe structuur op 1 januari 2017 in werking treedt.
Ambitie De Havenstrategie 2030 bevat de ambitie om het haven- en industrieterrein Moerdijk te ontwikkelen tot hét centrum voor logistiek en duurzame chemie in de Vlaams Nederlandse Delta. Moerdijk is de vierde zeehaven van Nederland. Door de verzelfstandiging ontstaat ruimte voor een verdere verzakelijking en
professionalisering van de organisatie en ver- sterking van de (internationale) acquisitie van bedrijven en goederenstromen. Ook ontstaan betere mogelijkheden om de samenwerkings- relaties met omliggende havens en andere partners in en buiten de regio te intensiveren. Verder moet verzelfstandiging bijdragen de verdiencapaciteit te versterken om de nieuwe investeringsopgaven uit de Havenstrategie te kunnen financieren. Met de verzelfstandiging komt de dagelijkse sturing van het Haven- bedrijf in handen van de directie. De directie wordt gecontroleerd en ondersteund door een aan te stellen Raad van Commissarissen met onafhankelijke deskundigen.
Rijkswaterstaat gaat met inzet van zijn netwerken en areaal bijdragen aan de winning van duurzame energie en het gebruik van duurzame brandstof stimule- ren. Ook gaat de beheerder van de Neder- landse infrastructuur innovaties aanjagen via de contracten met marktpartijen. Mi- nister Schultz van Haegen: “De kwaliteit van de Nederlandse infrastructuur staat wereldwijd in de top drie. Het is belang- rijk dat we werken aan de infrastructuur van de toekomst. Innovaties bieden volop mogelijkheden om de infrastructuur slimmer en duurzamer te maken. Het le- vert niet alleen een goede doorstroming op de wegen op, maar ook een mooi en leefbaar land. Bovendien boren we nieuwe markten aan voor bedrijven met innovatieve oplossingen”.
Energieneutraal Onderdeel van de plannen is het energie- neutraal functioneren van nieuw aan te leggen bruggen of sluizen. Na de Rams- polbrug bij Kampen, voor zover bekend de eerste beweegbare brug ter wereld die tijdens de hefbewegingen zelf alle energie opwekt die nodig is om te kunnen functioneren, worden bijvoorbeeld ook de Beatrixsluis bij Nieuwegein en de sluis bij Terneuzen energieneutraal. Bij de sluizen wordt de energie opgewekt bij het bewegen van de sluisdeuren.
Werkzaamheden Wilhelminakanaal moeten aangepast worden
TILBURG De verlaging van het Wilhelminakanaal pakt ongunstiger uit dan aanvankelijk is aangenomen. Daarom kunnen de werkzaamheden aan het kanaal niet in ongewijzigde vorm doorgaan en moeten er maatregelen genomen worden. Inmiddels heeſt een expertgroep de oplossingen in kaart gebracht die grotere grondwaterstanddaling kunnen voorkomen of verminderen. Zowel het opwaarderen van sluis II naar klasse IV als het opknappen van sluis II, waarbij klasse II-schepen naar Tilburg kunnen blijven varen, blijken reële oplossingen.
Rijkswaterstaat, de provincie Noord-Brabant en de gemeente Tilburg werken aan de verbreding van het Wilhelminakanaal, waardoor klasse IV-schepen – sneller naar Tilburg kunnen varen. Onderdeel van het project is de vervanging van de huidige sluizen II en III door één nieuwe sluis III. Hierdoor zou het waterpeil in het Wilhelmi- nakanaal met 2,55 meter dalen (kanaalpeilver- laging) en neemt de reistijd voor schepen af.
Ontwikkelingen Uit aanvullend onderzoek is gebleken dat als de werkzaamheden volgens de originele plan- nen worden uitgevoerd, de grondwaterstand- daling ongunstiger zou kunnen zijn dan in het verleden is berekend. Dit geldt met name in het deelgebied Gesworen Hoek, dat direct naast het Wilhelminakanaal ligt. Dit betekent dat de werkzaamheden aan het kanaal niet in ongewijzigde vorm kunnen doorgaan en dat er aanvullende maatregelen moeten worden genomen.
Oplossingen en advies Een expertgroep – bestaande uit deskundi- gen van de gemeente Tilburg, de provincie Noord-Brabant en Rijkswaterstaat – heeſt de afgelopen maanden de mogelijke oplossingen in kaart gebracht die de grotere grondwater- standdaling kunnen voorkomen of vermin- deren. Er zijn diverse varianten verkend en berekend, die vervolgens door externe des- kundigen zijn beoordeeld. Op basis hiervan heeſt de expertgroep een advies uitgebracht aan de betrokken organisaties. In totaal zijn er tien mogelijke oplossingen verkend. De expertgroep geeſt uiteindelijk de voorkeur de variant waarbij sluis II wordt opgewaardeerd naar klasse IV, omdat deze oplossing veel zekerheid biedt op het gebiedt van de grond- waterstanddaling, een klasse IV-vaarweg realiseert en technisch geen bijzondere risico’s kent en geen hinder oplevert voor de om- geving. Ook de variant waarbij sluis II wordt opgeknapt; en waarbij klasse II-schepen naar
Tilburg kunnen blijven varen, wordt gezien als een reële oplossing.
Vervolgproces Het ministerie van Infrastructuur en Milieu, de gemeente Tilburg en de provincie Noord-Brabant zijn het erover eens dat het geschikt maken van het kanaal voor klasse IV-schepen het uitgangspunt blijſt. Het is de bedoeling dat dit op korte termijn wordt
vastgelegd in een intentieverklaring tussen bestuurders van de gemeente, de provincie en de minister. Hierin wordt ook vastgelegd dat de betrokken partijen ernaar streven om voor de zomer een definitief besluit te nemen over een structurele oplossing. In de komende maanden behandelen de gemeenteraad en Provinciale Staten een voorstel over de extra kosten die samenhangen met de keuze voor een oplossing.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30