INTERVIEW ▶▶▶
nieuwe situatie. In 2017 is ook een aanvang gemaakt met de visie Melk met meerwaarde. Nu is het jaar van de implementatie.”
Stel dat er ooit weer eens grote veranderingen nodig zijn, hoe voorkom je dan dat een dergelijke ophef zich weer voordoet? “Wij moeten marktgerichter werken. De visie Melk met meerwaar- de omvat een drieslag van: bewustwording, durven veranderen en succesvolle nieuwe verdienmodellen. We moeten niet verge- ten dat FrieslandCampina altijd een zeer succesvolle onderne- ming is geweest, die er steeds in is geslaagd de nodig veranderin- gen door te voeren. Dat gaan we nu ook doen. Soms kost het even tijd. In het voorjaar van 2018 leken we met onze visie de op- lossing voor onze problemen te hebben gevonden, maar het leek in eerste instantie een oplossing voor problemen die de leden niet ervoeren. Ook de tijdelijke maatregelen, die er eerder waren, hadden al geen impact’.
Speelt daarbij ook mee dat leden nu een andere binding voelen met de coöperatie dan vroeger? “Dat speelt zeker ook mee. Een van de redenen dat mensen soms zo heftig reageerden, is dat we met onze plannen aan de wortels van de coöperatie kwamen. De rol wordt anders. Vroeger zag je de schoorsteen in het dorp roken, kwam je de directeur op straat of in zijn kantoor tegen. Nu is de coöperatie qua afstand vaak ver weg, net als onze markten vaak ver weg liggen. Ook daarvan zien we niet meer zo veel. Iedere generatie heeft zijn eigen coöperatie. Vroeger was de coöperatie een schuilplaats die bescherming bood tegen bedreigingen van buitenaf; particuliere bedrijven die misbruik maakten van de zwakke positie van de boer. Die rol van schuilplaats of buffer is later overgenomen door het Gemeen- schappelijke Landbouwbeleid, de productschappen en de over- heid. Nu gaat het anders, is de rol van de coöperatie gewijzigd en treedt die meer naar voren. Het lidmaatschap is niet meer vrijblij- vend. Vanuit dat perspectief begrijp ik de boeren die liever een cent minder beuren en weggaan, maar daarom heb ik ook enorm respect voor de leden die de slag maken en meegaan met de be- weging van ons. Het is een feit dat veel oude zekerheden weg zijn. We leven in een veel dynamischer wereld. De veronderstelling dat dit alleen onze eigen onderneming raakt, is onterecht. Weet een bloementeler nu wat de markt over een half jaar vraagt? Ook die moet met onze- kerheden leven. Als China, of een ander land, vandaag de grenzen sluit vanwege een handelsoorlog of wat dan ook, dan is dat direct van invloed op de boerderij hier. De veranderde omgeving biedt ook grote kansen. Daar ben ik heel positief over. Wij richten het bedrijf in om zo goed mogelijk te profiteren van die veranderende omgeving.”
Hoe gaat het straks verder, na deze ronde. Is er een mecha- nisme om de leden beter bij de les te houden? “Veranderingen blijven komen. We zijn ervan overtuigd dat we
10 ▶ AGRI-TOP50 | 18 DECEMBER 2018
met deze veranderingen kunnen omgaan. Door de aangepaste structuur kunnen we de markt beter met het erf verbinden.”
In de coöperatie kunnen jullie de leden mobiliseren en neu- zen dezelfde richting in krijgen, in het agrarische speelveld daarbuiten is dat lastiger. Tussen de verschillende sectoren krijg je niet alles zo snel in lijn. Kijk naar de discussies in en tussen LTO, de NMV en andere organisaties “Tot ruim vijf jaar geleden hadden we met de productschappen een heel sturend mechanisme, een soort ruggengraat. Nu zijn we in open water terecht gekomen en moeten we zaken anders op- lossen. Een tijdje geleden was er een lobbygroep die aandacht vroeg voor het lot van de kalveren op melkveebedrijven. Dat was voor ons een signaal dat we actie moesten ondernemen, samen met anderen. Het gaat er in de toekomst veel meer om hoe je al- les organiseert. Een coöperatie heeft geen doorzettingsmacht. Dat heeft de overheid. Een coöperatie kan zaken tijdig aangeven en proberen te sturen.”
Als het gaat om melk en kalveren lukt dat nog wel, maar als het gaat om mest niet. Kijk hoe vaak wordt gereageerd op Jumpstart “Joosten (voormalig CEO van FrieslandCampina) handelde vanuit de noodzaak om iets te doen aan broeikasgasreductie, niet vanuit mest. Overigens werken de vergisters nu prima, maar sommige kwesties zijn een zaak van lange adem, zoals ook de grondgebon- denheid. En let wel, we zijn nog nooit zo ver gekomen als we nu zijn.”
Het was mooi geweest als het met iets minder frictie kon. De discussies kunnen behoorlijk slepend zijn Keurentjes haalt diep adem: “Ja! Maar wij zijn niet van de partij die zegt: je mag niet meer opstallen. Het blijft een keuze, al zijn er wel consequenties.”
Er lijken best veel leden te willen kiezen voor duurzame zuivel (Top Zuivel). Kunnen jullie die massale keuze ook belonen?
“Er moet een markt voor zijn, maar er lijkt aardig veel belangstel- ling te zijn. Niet alleen van consumenten, maar ook vanuit andere bedrijven. Die vragen naar duurzaam geproduceerde ingrediën- ten.”
In het huidige topmanagement zitten geen mensen die een langdurige zuivelachtergrond hebben. Hoe belangrijk is zuivelkennis in de top? Je ziet ook bedrijven die succesvol opereren aan de hand van vooral wiskundige modellen “Dat je snapt waar de business om gaat, is cruciaal, maar of je moet zijn opgegroeid tussen de melkbussen? Ik snap dat sommi- ge mensen dat zo voelen, maar competenties en kwaliteiten zijn leidend. Daarbij moet je ook rekening houden met de vraag wat de kern van het bedrijf is. Wij zijn een coöperatie die de melk van de leden optimaal tot waarde wil brengen.”
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44