search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
interview 15


CV


Lotte Veldhuijzen van Zanten (1968) Werk: orthodontist-directeur bij Orthodontist Zwolle en voorzitter van de NVvO Opleiding: tandheelkunde in Amsterdam, afgestudeerd in 1993, specialisatie orthodontie in 1998.


loer: het lijkt alsof je met alleen een afdruk een geheel plan terugkrijgt. Je plaatst de aligner en laat de patiënt na drie maanden terugkomen. Maar zo makkelijk is het niet, want je moet de werking goed snappen en er een goed plan voor hebben. Ik werk met Invisalign en soms komt er iemand terug bij wie ik dan meteen zie dat het niet reëel is. Dus je moet nog steeds je diagnostiek en therapie zelf plannen, de aligner is alleen een tool.”


Patiënten hebben geen verwijzing voor orthodontie nodig. Gebeurt het vaak dat mensen zonder verwijzing naar de orthodontist of tandarts voor orthodontie komen? Veldhuijzen van Zanten: “Ja hoor, vooral volwassenen.” Lamark: “We sturen dan een brief naar de tandarts van die patiënt, om te zeggen dat we zijn patiënt hebben gezien, welke diagnose we hebben gesteld en wat ons plan is.”


Hoe zien jullie de gezamenlijke toekomst? Lamark: “Rooskleurig en vol goede moed om samen verder te gaan in dit prachtige vak.” Veldhuijzen van Zanten: “Ik denk er hetzelfde over. Want uiteindelijk willen we allemaal het beste voor de patiënt. Kennis, kwaliteit, communicatie en transpa- rantie zijn daarvoor van belang.” Lamark: “En samenwerking. Want over en weer kun- nen de OVAP en NVvO niet zonder elkaar. We zijn tot elkaar veroordeeld, op een positieve manier.”


Peter Lamark (1964) Werk: tandarts voor orthodontie bij Ortholuna in Amersfoort, voor- zitter van de OVAP. Opleiding: tandheelkunde in Amsterdam, afgestudeerd in 1987.


Veldhuijzen van Zanten: “Net als de andere tandheel- kundige differentiaties. Wat we het afgelopen jaar samen bereikt hebben, is heel goed. Er zijn denk ik wel wat mensen wakker geschud. Collega’s worden kritisch: ik heb zelfs van collega-tandartsen gehoord dat ze gestopt zijn met orthodontie, omdat ze het zwaar vin- den om OK-geregistreerd te zijn en zichzelf ook afvra- gen: moet ik dit nog wel doen? Dat vind ik goede keu- zes: je doet het goed of je doet het niet.”


Zien jullie nog bedreigingen? Lamark: “Misschien de instroom van orthodontisten uit het buitenland.” Veldhuijzen van Zanten: “Een groot deel van ons vak is communicatie, daarom vind ik het goed dat instromers uit het buitenland eerst Nederlands moeten leren. Ik zie het niet als een bedreiging als goed opgeleide mensen uit het buitenland goed Nederlands spreken en hun vak goed uitoefenen. Dat zijn alleen maar aanvullers.”


NEDERLANDS TANDARTSENBLAD jaargang 72/19, 24 november 2017, www.ntdigitaal.nl NEDERLANDS TANDARTSENBLAD jaargang 72/19, 24 november 2017, www.ntdigitaal.nl


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52