search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Gerard Mul: ‘Er bestaat helaas geen handleiding voor


kalf en koe samenhouden’ Na een paar jaar nadenken en informatie inwinnen over potentiële obstakels, was dit jaar voor Gerard Mul (35) het jaar om te begin- nen met het kalf bij de koe te laten lopen. ‘We hebben wel wat moed moeten verzamelen, want erg makkelijk is het niet om het kalf bij de koe te houden. Er eindigt namelijk een stuk minder melk in de tank. En dat is wel hoe je alles betaalt’, aldus de veehouder, die met zijn vrouw Mieke 60 koeien melkt in War- mond. ‘Het verschilt per dier hoeveel melk van de koe naar het kalf gaat, maar soms gaat het om 20 liter per dag. Die mis je wel in de tank.’ Maar je merkt dat ook aan de groei van de kalveren, ziet Mul. ‘De kalveren die bij de koe lopen, waren in de overgangsperiode na


drie maanden net zo groot als de kalveren die we met de hand voerden als ze vijf maan- den oud waren.’


Het is voor Mul nog vooral een experiment. ‘Voor een klein bedrijf als dat van ons is het nog eens te proberen. Op een groot bedrijf is het bijna niet te doen om kalf en koe samen te houden. Dat is ook wat ik wil uitdragen naar burgers: je doet het niet zomaar en ik probeer ook zeker niet melkveehouders over te halen om hetzelfde te doen als het niet bij hun bedrijf en visie past.’ Toch hoopt Mul dat meer melkveehouders ervaring op willen doen in het samenhouden van kalf en koe. ‘We zijn bezig een eigen melklijn op te zetten om de mindere melkopbrengst te compense-


ren. Om dat financieel interessanter te maken zou een grotere afzet erg fijn zijn’, vertelt Mul. ‘Maar het blijft lastig. Er bestaat helaas geen handleiding voor kalf en koe samenhouden.’


alle kalveren werden gespeend en van het moederdier werden gescheiden. ‘In die eerste zeven weken hebben we van de koeien en kalveren hun gezondheidsstatus bijge- houden en van de kalveren aanvullend hun gewicht. Zo zagen we bij de koeien bij de verschillende contactsoor- ten weinig verschil in gezondheid. Alleen de melkgift bij melken en het melkvetgehalte bij de zogende koeien was logischerwijs lager’, geeft Wenker aan.


Hogere melkopname bij zogen


Bij de kalveren was er in gezondheid geen verschil tussen de kalveren zonder contact en die met gedeeltelijk con- tact. Maar de kalveren die tussen de koeien in de lig- boxenstal liepen, hadden meer gezondheidsklachten. ‘We zagen bijvoorbeeld vaker symptomen van longontsteking, wat goed zou kunnen komen doordat de kalveren in een stal met open zijden rondliepen.’


Toch hadden de kalveren ook een voorsprongetje als ze bij hun moeders liepen. ‘Tegenover de gezondheidsklach- ten staat wel dat ze een stuk sneller groeiden dan kalve- ren die niet zoogden. Ook de dieren die ziektesymptomen hadden, bleven elke dag groeien. De melkopname was waarschijnlijk een stuk groter bij zogen. Hoewel de kalve- ren die met de hand werden gevoerd ook een flinke dage- lijkse portie kregen, leidde dit toch tot een verschil in groei van het kalf’, zegt Wenker.


Het verschil in lichaamsgewicht is er voornamelijk in de eerste weken, want na zes maanden was er geen verschil meer te vinden. Uit het onderzoek concludeert Wenker niet alleen dat kalveren met volledig koecontact meer ziekteverschijnselen hebben en meer groeien, maar ook dat gedeeltelijk contact geen negatief effect heeft op ge- zondheid. Na zeven weken werden de kalveren gespeend, een proces waar de onderzoeker ook een experiment op heeft losge- laten. ‘Een van de dingen waar je tegenaan loopt bij vol- ledig contact tussen koe en kalf, is de stress die het ople- vert bij scheiding en in de onthechtingsfase. De beste manier om de band tussen koe en kalf te verbreken bleek


in ons onderzoek door een hekwerk te plaatsen dat zogen kan afbouwen, maar waarmee er wel contact kan zijn tussen kalf en koe. Dit vermindert een hoop stress rond- om de onthechting bij volledig koe-kalfcontact.’ Toch blijft er wel sprake van een bepaalde mate van stress. Een gedeeltelijk contactsysteem leidde volgens Wenker tot minder stress bij het spenen.


Kalf bij de mens


In de maanden na het spenen is de groei en het gedrag van de kalveren opgevolgd. ‘Na zes maanden zagen we geen verschil in lichaamsgewicht, maar er was eerst nog goed zichtbaar welke kalveren bij de koe waren gebleven’, vertelt Wenker. Het liefst had ze de kalveren verder ge- volgd tot in de eerste lactatie en gekeken naar de melk- productie. ‘Er zijn aanwijzingen dat kalveren die gezoogd hebben bij de moederkoe, meer melk produceren. Als dat zo is, zou de systeemaanpassing zich op die manier wat kunnen terugbetalen.’


Het lastigste en een blijvende uitdaging volgens de onder- zoeker is het gedrag van de kalveren nadat ze worden gescheiden van de koeien. ‘De kalveren hebben we ook een gedragtest laten ondergaan, waarbij je toch zag dat de kalveren die volledig koecontact hadden, meer angstig gedrag vertoonden bij de actieve benadering van een on- bekend persoon dan de kalveren die dagelijks gevoerd werden door mensen. Iets in de vroege ontwikkeling is daar wel erg bepalend voor’, denkt Wenker. ‘Het kost veel tijd, energie en interne motivatie van vee- houders om de kalveren positief te laten reageren op mensen. Het is zeker niet zo dat alles wel goed komt als het kalf bij de koe blijft. Je hebt er als veehouder een lan- ge adem voor nodig om het tot een succes te maken.’ Een vergoeding om kalveren bij de koe te houden zou daarom volgens Wenker wel nodig zijn. ‘Voor wie nu al de koeien en kalveren samenhoudt of het graag wil gaan doen, lijkt mij een systeem waarin we deze inspanning belonen erg belangrijk. Maar een tussenvorm kan ook goed werken, blijkt wel uit het onderzoek.’ l


veeteelt AUGUSTUS 2022 33


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68