INEEN - IN GESPREK
mail met relevante informatie. Vanaf dat moment is er een directe lijn tussen arbeidsmigrant en huisarts.” En dat is belangrijk, benadrukt ze. “Nu moeten zieke werknemers nog vaak de werkgever inschakelen, maar soms durven ze dat niet. Ze zijn bang voor ontslag als de werkgever merkt dat ze iets mankeren. Baanverlies betekent vaak ook woon- ruimte kwijtraken. Zo belanden mensen op straat.”
Het probleem speelt in het hele land, zegt Hazenveld. “Van de ongeveer 800.000 arbeids- migranten blijven er velen onder de radar.” Is er aandacht, dan gaat die vooral naar huisves- tingsproblemen en overlast, vult Jansen aan. “Ondertussen krijgen mensen niet de juiste zorg en wordt de acute zorgketen overbelast met vragen die daar niet thuishoren.”
Communicatie cruciaal Cruciaal is communicatie in de eigen taal, vertelt Hazenveld. “Daarom hebben we zorgondersteuners aangenomen die Pools, Roemeens, Spaans, Frans en Engels spreken. Zij nemen telefonisch een groot deel van de klachtuitvraag voor hun rekening. Via de eigen taal wordt meer duidelijk en ontstaat er vertrouwen. Dit scheelt zó veel tijd. In plaats van dertig minuten stuntelen met een taalprogramma, kan de huisarts zich focussen op de anamnese. Dit werkt efficiënt en verlaagt de zorgdruk.”
Werkgevers doen niet vanzelf mee, hebben Hazenveld en Jansen gemerkt. Ze hebben er hard aan getrokken en doen dat nog steeds: uitzend- bureaus bellen, gemeenten informeren en op bezoek bij kerken en huisvestingslocaties. Hazenveld: “De samenwerking met Daphne is heel belangrijk. Alleen hadden wij dit nooit kunnen bereiken. Zij kan heel goed met stakeholders communiceren. En waar ik misschien een cowboy ben, zorgt zij voor de juiste structuren.” Op haar beurt prijst Jansen het lef van Fonkelzorg. “Ze durven risico’s te nemen, ik vind dat inspirerend voor andere praktijken.”
Samenwerkingscontracten Het balletje is nu gaan rollen. Met achttien werkgevers (‘early adopters’) zijn samen- werkingscontracten afgesloten. Dat leidde tot 2.600 inschrijvingen. “Maar door het vele seizoenswerk is het verloop groot”, constateert Hazenveld. “Een bepaalde schaalgrootte is nood- zakelijk om de gespecialiseerde aanpak robuust te maken. Nu zijn we nog te kwetsbaar bij uitval. Met minimaal 5.000 patiënten kunnen we vol- doende anderstalige zorgverleners aannemen. Regionale samenwerking is daarom een must.”
In de HUMO-regio weten alle huisartsen dat ze arbeidsmigranten naar Fonkelzorg kunnen door- sturen. En dat levert veel op, geeft Hazenveld met een voorbeeld aan. “Een vrouw in Oss had een poging tot verkrachting meegemaakt. Ze was er slecht aan toe. Wij konden haar in haar eigen taal opvangen. Als dat niet was gebeurd, vrees ik dat het heel moeilijk voor haar was geworden.”
De VEZN-subsidie is verlengd tot juni 2025. Hiermee wordt het project versterkt en daarnaast uitgebreid naar de regio Den Bosch, waar Fonkelzorg optrekt met Jeroen Bosch Huisartsen en Huisartsenspoedposten Oost-Brabant.
Robert Hazenveld
‘Schaalgrootte is noodzakelijk om de gespecialiseerde aanpak robuust te maken’
JUNI 2024 - 21
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32