search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
29


Eric Tap (1958) begon in 1980 bij de KMar en ging in 2016 met FLO als kapitein. In de 35 jaar dat hij bij de KMar zat, werkte hij bij verschillende disciplines, van ME tot inlichtingen- diensten. Hij werd uitgezonden naar Angola (1992) en Haïti (1995). Sinds 2017 is hij vrij williger bij het VST.


in de burgermaatschappij vaak lang wachten voor je bij voorbeeld naar de tandarts of de huisarts kunt. Bij Defensie kon ik daar altij d meteen terecht.’ Marc: ‘Defensie heeft een hiërarchi- sche structuur. Iemand heeft de leiding en anderen volgen. Dat doen ze omdat ze het belang van zo’n structuur zien, die is doorgaans heel efficiënt. In de burgermaatschappij zij n mensen geneigd om op eilandjes te gaan zitten. Of om alleen of met hun eigen team naar een oplossing te zoeken en elke stap eerst uitvoerig met iedereen te overleggen. Je met vertrouwen in dienst stellen van anderen is er minder vanzelfsprekend. Dat heeft vast ook goede kanten, maar ik denk dat de samenleving af en toe gebaat is bij iets meer militaire discipline.’


Voorbereidingen missie Eric: ‘Toen ik naar Angola ging, kreeg ik vaccins tegen tropische ziekten en medicij nen tegen malaria. Verder summiere informatie over het land en hoe we ernaartoe gingen. Dat was het. We hoorden niks over de cultuur en de omstandigheden waarin we terecht zouden komen. Terwij l die nogal ingrij pend waren. Ik zat op een post met een Ier, een Braziliaan en iemand


‘Ik wilde graag dienstbaar zij n’


uit Zimbabwe. Je moest het maar uitzoeken. Soms vlogen de kogels ons om de oren. We waren getuige van enorme wreedheden. Contact met het thuisfront was mondjesmaat: dat verliep via diplomatieke post. Heel af en toe mocht je naar huis bellen. Een keer kreeg ik mij n toen 5-jarige dochtertje aan de lij n. Ik praatte kort met haar en zei: “Geef mama maar even.” Waarna zij oplegde. Belmoment voorbij ! Bij terugkomst was er geen debrief en geen opvang. Twee weken later ging ik weer aan het werk. Dit is nu allemaal veel beter geregeld.’ Marc: ‘De voorbereidingen voor de missies waaraan ik heb meegedaan, waren heel goed. Voor ik naar Somalië ging, oefenden we in Engeland met rampscenario’s, zoals een raketinslag of een machinekamer die onder water staat. De trainers legden ons het vuur echt na aan de schenen. De scenario’s waren heel levensecht. Ik heb daar veel van geleerd. Een oefening in de Middellandse Zee was bedoeld om


ons alvast aan de warmte te laten wennen. Hoewel het in Somalië flink warmer is dan in Zuid-Europa, heeft die geleidelij ke blootstelling aan hogere temperaturen zeker geholpen. Het thuisfront werd meegenomen in de missie. Ze werden goed op de hoogte gehouden van hoe het met ons ging en wat we meemaakten. Thuisfronters hadden ook onderling contact. Op het schip hadden we een eigen radioprogramma waar wij én thuisfronters plaatjes voor elkaar konden aanvragen.’


VST Eric: ‘Bij het VST ben ik begonnen als linieloper. Dan help je met zoeken in de voorste linie. Om medische redenen moest ik er een paar jaar tussenuit. Nu ben ik chauffeur en voorzie ik mensen die in de linie werken van koffie, thee en de benodigde uitrus- ting. Het VST is een goed geoliede machine met zeer gemotiveerde medewerkers. Ik wil graag dienst- baar zij n. Met het VST kunnen we in nood situaties echt iets voor andere mensen betekenen. Leuk dat Marc ook bij het VST zit, het is goed mogelij k dat we al eens samen aan een zoekactie hebben meegedaan.’ Marc: ‘Ik hoop dat ik, als ik Erics leeftij d heb, nog steeds vrij williger ben bij het VST. Het hangt natuurlij k een beetje af van de locatie en het tij dstip, maar bij de meeste zoekacties komen er minstens zestig vrij willigers opdraven. Allemaal veteranen, niet alleen van Defensie maar ook van de brandweer en de politie. Dat vind ik geweldig. Dat we hiermee mensen helpen die ten einde raad zij n, betekent veel voor me. Ik werk nu nog in de linie, maar zou ooit graag coördinator willen worden.’


Checkpoint 02-26


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68