ZUIVERINGSTECHNOLOGIE
Pijpleiding in Schoonebeek die het opgepompte olie-watermengsel naar het hoofdemplacement van NAM brengt. De omstreden
pijpleiding naar Twente loopt volledig onder de grond. (foto: NAM)
NAM’s eigen watertechnologie: de OBI De olie in de Schoonebeekse bodem is zeer stroperig (in vis- cositeit vergelijkbaar met pannenkoekstroop). Daarom wordt het zwarte goud vloeibaar gemaakt met stoom en vervolgens opgepompt. Naast gecondenseerde stoom komt het van na- ture zoute water uit de diepe ondergrond mee naar boven. Olie en voornamelijk water (70-90 procent) worden in de oliebehan- delingsinstallatie (OBI) gescheiden. Eerst wordt het olie-water- mengsel met stoom verwarmd voor de ideale scheidingstem- peratuur (80 graden). Na het verwarmen wordt, indien nodig, anti-schuimmiddel en de-emulsifi er toegevoegd, om het zo’n twaalf uur durende scheidingsproces zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Dat proces vindt plaats in drie scheidingsvaten (250 liter) en een dehydratietank (2000 liter), waarin de olie van de laatste resten overtollig water wordt ontdaan. Na deze stap zit er minder dan 0,5 procent water in de olie. Ook bevat het mengsel nog een hoeveelheid koolwaterstofgebonden zouten en kalk. Om calcium-koolwaterstofverbindingen af te breken, voegt NAM azijnzuur toe. Kalk en zouten worden afgevoerd met het afgescheiden water. Daarna wordt de olie gewassen (met ultrapuur water van rwzi Emmen), om het zoutgehalte te verlagen. De gewonnen olie gaat vervolgens via dertig kilome- ter pijpleiding naar een raffi naderij in het Duitse Lingen. Het waswater komt bij het productiewater, dat via de omstreden ondergrondse pijpleiding naar Twente gaat.
rapport, dat werd geschraagd door een onafhankelijke be- geleidingscommissie met bestuurders van provincies en ge- meenten uit Drenthe en Overijssel, trekt de voorlopige con- clusie dat de bestaande injectiemethode het goedkoopst is en het laagste milieurisico met zich meebrengt. In de eerdere milieueffectrapportage uit 2010, voor het opnieuw opstarten van de oliewinning, bleek al dat het schoonmaken van het productiewater zeer veel energie zou gaan kosten en ook een zoutberg zou opleveren, die weer verwerkt moest worden met alle milieugevolgen van dien. Het injecteren van het pro- ductiewater in lege gasvelden bleek indertijd al de milieuvrien- delijkste manier van afvoeren. Vijf jaar later wint deze optie het nog steeds van de andere in het tussenrapport genoemde alternatieven, zoals deels of volledige zuivering (destillatie en kristallisatie) tot schoon zoet water en stort van het zoutresidu. Volgens RoyalHaskoningDHV is rechtstreeks verdampen van het zoute olieproductiewater de duurste en meest milieu- onvriendelijke oplossing. Voor dit ZLD-concept (‘Zero Liquid Discharge’) is een grote hoeveelheid verdampingswarmte nodig, die geleverd moet worden door fossiele energie. De berekende 22 euro per kuub water is voor het verwerken van afvalwater een erg hoog bedrag, rekent het ingenieursbureau voor. De brijn is niet herbruikbaar, omdat alle verontreinigin- gen erin zijn geconcentreerd.
Membraantechnieken
De bevindingen uit het tussenrapport worden niet gedeeld door membraantechnoloog en waterzuiveringsspecialist Bas
Heijman van de TU Delft. “De stand van de technologie is totaal anders. Er zijn verschillende membraantechnieken be- schikbaar die tegelijk schoon zout en eventueel zelfs demi- water kunnen maken. Een ZLD-concept behelst meer dan alleen verdampen. Veel slimmer is het zout veel meer te con- centreren en te scheiden om schoon en herbruikbaar zout te produceren, om vervolgens de geconcentreerde brijn in te dampen.” Volgens Heijman biedt een extra concentratiestap met elektrodialysemembranen uitkomst. Dit type membraan concentreert NaCl (keukenzout). Andere zouten blijven in het restproduct achter. Na verdamping ontstaat een schoon zout. “In Japan wordt zo uit zeewater keukenzout gemaakt”, licht Heijman toe. Elektrodialysemembranen zijn bovendien minder vervuilingsgevoelig dan traditionele RO-membranen (omgekeerde osmose).
In een reactie zegt RoyalHaskoningDHV dat de door Heijman aangedragen membraantechnologie zich nog niet heeft bewezen als haalbare oplossing voor toepassing in Schoone- beek. ‘Toepassing van elektrodialyse verkeert in een vroege staat van ontwikkeling waar het toepassing op productie- water met geringe olieresten betreft en verdere uitontwikke- ling zal nodig zijn. Het zoute productiewater heeft een bij- zonder complexe samenstelling van allerlei organische en anorganische componenten, waardoor het veel lastiger te behandelen is’, schrijft het adviesbureau namens NAM. Wederom een achterhaald standpunt, stelt Heijman en hij verwijst naar de opwerkingsinstallatie die Veolia Water in
WATERFORUM DECEMBER 2016 31
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48