RIOLERING
Gemeentelijk rioleringsplan schiet tekort Een riool in Nederland kan standaard 20 mm per uur heb- ben. Dat kan erin en dat kan er via de riooloverstort en via de gemalen die afvoeren naar de rioolwaterzuivering, ook weer uit. Maar wat als het 40 mm per uur regent? Dan moet een gemeente snel 20 mm uur kwijt in de openbare ruimte. Volgens Jeroen Langeveld zou het logisch zijn als gemeenten in hun gemeentelijk rioleringsplan beschrijven vanaf welke grootte van een bui het geaccepteerd wordt dat een straat onderloopt.
“Hittebestrijding geeft zo’n optie. Als je minder regenwater afvoert naar de zuivering, maar infi ltreert, zakt er lokaal meer water in de grond en kunnen bomen dat opzuigen en via hun bladeren verdampen. Dat brengt verkoeling. En je kunt open water inrichten voor recreatie. Zo krijgt het vasthouden van water een waarde.”
Minder naar rwzi “In Nederland sturen wij absurd veel water naar de zuivering”, vervolgt hij. Slechts vijf procent van het regenwater stort over. Die grote hoeveelheden regenwater verdunnen het afvalwa- ter, maar door de robuuste behandeling op de rwzi zijn de kosten nog geen echt knelpunt. “Dat wordt anders als de zuiveringsbeheerder met een vierde trap de microverontrei- nigingen wil verwijderen. De kosten daarvan zijn een stuk meer gerelateerd aan het te behandelen volume: hoe kleiner de afvoer, hoe goedkoper de vierde trap.“ Langeveld voorziet daarom een nieuwe, fi nanciele
impuls voor het verminde-
ren van de regenwaterafvoer naar de rwzi. Dat geldt volgens hem ook voor langere perioden van droogte. “De behoefte aan water om daarmee open water door te spoelen, zal toe- nemen”, voorspelt hij. In de praktijk wordt het volgens hem vooral een uitdaging om de afvoer dáár te regelen waar dat het meest effi ciënt kan – in de openbare ruimte, in het riool of in het watersysteem.
Straten even blank
De boodschap van Langeveld is duidelijk: hou het schone water in de stad. Daarbij mogen de straten van hem best even blank staan, zolang het overtollige water maar veilig weg kan. “Gemeenten moeten vooral hun bestaande riolering zo laten. De verwachte toename aan hoosbuien moeten ze niet oplossen via het riool. Wat ze zéker niet moeten doen, is de rioolcapaciteit vergroten. Mijn advies is om meer routes te creëren om regenwater actief op de sloot te kunnen zetten.”
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48