V
rijwel alle melkcijfers kleuren groen, hét symbool voor groei. Het
recente CRV-boekjaar, dat loopt van 1 september 2015 tot en met 31 augustus 2016, toont dat de Vlaamse koeien, net als de Nederlandse, flink progressie boe- ken in melkproductie.
Het voorbije boekjaar steeg de melk- drang van de Vlaamse gemiddelde melk- koe naar 8838 kg melk, een winst van maar liefst 323 kg melk in een jaar tijd (tabel 1). In 2014-’15 lag het gemiddelde productieniveau in Vlaanderen immers nog op 8515 kg melk. Dat het post- quotumtijdperk een ontwikkeling in de melkcijfers teweeg zou brengen, was te verwachten, niettemin is de winst in melkproductie nooit eerder zo groot en opvallend geweest.
Meer vet en eiwit
Behalve de gemiddelde melkproductie gaan ook de gehalten omhoog. Het vet- en het eiwitgehalte stijgen beide onge- veer in gelijke tred. Ten aanzien van het vorige jaar gaat het vetgehalte van 4,13 naar 4,15% en het eiwitgehalte van 3,44 naar 3,47%. In kilogrammen omgere- kend is de winst even duidelijk te zien; met 11 kg vet en eiwit stijgen de Vlaam- se koeien tot een gemiddelde van 644 kg vet en eiwit per koe.
Het economisch jaarresultaat of ejr toont wel een dalende lijn, maar dat komst door een gewijzigde berekening. Het huidige ejr van 1944 euro is daar- door niet te vergelijken met de getallen uit het verleden.
Meer dan zeventig koeien Even opvallend als de stijging voor melk, vet en eiwit is de winst in aantal koeien per bedrijf. Werden er in 2014-’15 nog 71 melkkoeien gemolken op het gemiddel- de mpr-bedrijf, in 2015-’16 zijn dat met 77 stuks exact 6 koeien meer. De stijging in aantal mpr-koeien per bedrijf com- penseert de afname van het totaal aantal mpr-bedrijven dat net 2007 bedrijven be- draagt. Het aantal mpr-koeien stijgt in het voorbije boekjaar zelfs van bijna 147.000 naar ruim 154.500, een winst van meer dan 7500 mpr-koeien. Het aantal mpr-bedrijven neemt het meest af in West-Vlaanderen en Oost- Vlaanderen met respectievelijk 30 en 20 bedrijven. Beide provincies tellen nog steeds de gemiddeld kleinste bedrijven met achtereenvolgens 62 en 70 koeien per mpr-bedrijf. In Vlaams-Brabant is de bedrijfsgroei het grootst: daar nam het aantal koeien per bedrijf het voorbije jaar met 10 mpr-koeien toe tot gemid-
provincie Antwerpen
West-Vlaanderen Oost-Vlaanderen Limburg
Vlaams-Brabant
Vlaanderen 2015-’16 Vlaanderen 2014-’15 Vlaanderen 2013-’14 Vlaanderen 2012-’13 Vlaanderen 2011-’12 Vlaanderen 2010-’11 Vlaanderen 2009-’10
aant. bedr.
365 712 660 176 94
2.007 2.069 2.166 2.215 2.469 2.727 2.802
koeien/ bedrijf
104 62 70
101 87
77 71 67 63 59 57 55
kg lft.
4.02 4.05 4.04 4.03 4.04
4.04 4.04 4.04 4.04 4.05 4.06 4.07
melk
% vet
9100 4,12 8980 4,14 8735 4,19 8721 4,17 7664 4,10
8838 4,15 8515 4,13 8392 4,10 8236 4,18 8317 4,17 8327 4,17 8175 4,18
% eiwit
kg vet
3,49 375 3,44 372 3,48 366 3,50 364 3,43 315
3,47 367 3,44 351 3,45 344 3,44 344 3,45 347 3,44 347 3,42 342
kg
eiwit 317
309 304 305 263
307 293 289 283 287 286 280
kg v. + e. ejr
692 2001 681 1963 670 1931 669 1931 578 1668
674 1944* 644 2059 633 2026 627 2005 634 2026 633 2022 622 1983
Tabel 1 – Rollend jaargemiddelde per provincie (1 september 2015-31 augustus 2016), * = vanwege nieuwe wegingsfactoren is het ejr niet te vergelijken met eerdere jaren
ras hf zwartbont* hf roodbont* witrood jaar
aant. koeien
kg lft. dgn. melk % vet
2015-’16 47.568 3.05 354 10.215 4,07 2014-’15 45.010 3.06 356 10.028 4,04 2015-’16 13.541 3.08 354 9.275 4,29 2014-’15 13.469 3.08 353 9.021 4,25 2015-’16 2014-’15
565 4.01 329 6.025 4,08 522 4.01 328 5.829 3,98
% eiwit
kg vet
3,44 416 3,43 405 3,53 398 3,50 383 3,40 246 3,36 232
kg
eiwit 351
344 327 316 205 196
kg v. + e. ejr
767 1959** 753
2104
725 1837** 699
1982
451 1204** 428
1249
Tabel 2 – Overzicht rasgemiddelden per boekjaar (* = minimaal 75% hf-bloed) ** = vanwege nieuwe wegingsfactoren is het ejr niet te vergelijken met eerdere jaren
kg jaar
2015-’16 2014-’15 2013-’14 2012-’13 2011-’12 2010-’11 2009-’10 2008-’09
melk
28.117 27.806 28.599 27.608 28.017 28.325 28.534 28.303
% vet
4,13 4,12 4,14 4,15 4,15 4,17 4,17 4,15
%
eiwit 3,44
3,43 3,42 3,42 3,42 3,41 3,40 3,41
kg vet
1160 1146 1183 1146 1164 1180 1190 1175
kg
eiwit 967
953 978 944 957 965 971 964
kg vet + eiwit
2217 2099 2161 2090 2121 2145 2161 2139
Tabel 4 – Levensduur van de afgevoerde stamboekkoeien per jaar van afvoer Tabel 3 – Ontwikkeling van de levensproductie van stamboekkoeien op moment van afvoer
jaar
2015-’16 2014-’15 2013-’14 2012-’13 2011-’12 2010-’11 2009-’10 2008-’09
dgn. opfok
796 801 800 805 810 817 823 831
keren gekalfd
3,1 3,1 3,1 3,1 3,1 3,2 3,3 3,2
gem. tkt.
414 416 418 418 418 420 421 420
melkdgn. per tkt.
356 358 359 359 359 359 360 359
dgn. laat- ste lact.
279 277 284 287 284 283 273 291
* = dagen tussen eerste kalfdatum en datum laatste monstername ** = dagen tussen geboorte en laatste afvoerdatum (som van dagen opfok, productieve levensduur en dagen na laatste proefmelking)
deld 87 koeien. Antwerpen en Limburg tellen de grootste mpr-bedrijven met tel- kens ruim 100 koeien per bedrijf. Per rasgroep geanalyseerd zijn gelijkaar-
dige stijgingen in melkcijfers en aantal- len te zien (tabel 2). Zo stijgt het aantal witroden, zwart- en roodbonten dat deel- neemt aan mpr, maar ook de melkcijfers
VEETEEL T OKTOBER 1 2016 39
productieve levensd.*
1.135 1.137 1.177 1.142 1.165 1.192 1.219 1.226
dgn. na
laatste proefm. 32
33 32 34 33 35 37 36
dgn.
levensd.** 1963
1971 2009 1981 2008 2044 2079 2093
kg melk/ melkdag
27,9 27,5 27,4 27,2 27,1 26,8 26,5 26,1
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62