UW
BELANG VOOROP
O
ngeveer één op de vier Nederlanders zorgt intensief voor een ander, en is daarmee offici- eel mantelzorger. En wordt - soms geleidelijk,
soms in één klap - steeds verantwoordelijker voor andermans leven en welzijn. Het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) onderzocht de (morele) dilemma’s die mensen daarbij tegenkomen. Voor het bijna afgeronde onderzoek, onderdeel van het Nationaal Programma Ouderenzorg, werden 3200 mantelzorgers ondervraagd. Het doel: de dilemma’s in kaart brengen, en ze bespreekbaar maken binnen de (gezondheids)zorg.
GEWOON DOEN Veel van de ondervraagden zagen zichzelf overigens niet als mantelzorger, hoe intensief hun zorg ook was. Blijkbaar is mantelzorg iets dat je ‘gewoon doet’. Dat kan uit liefde zijn, of om een eerder slechte relatie te herstellen. Maar ook uit plichtsgevoel; de ander heeft ook altijd voor jou gezorgd, je laat iemand niet in de steek als het daar slecht mee gaat, of er is domweg niemand anders die het kan doen. De ervaren problemen zijn vooral (over)belasting, risicovol gedrag en sociale en relationele problemen. Projectleider Dorothea Touwen: ‘De vraag die centraal staat, is: wat is goed om te doen? Vaak botst dan de opvatting van de mantelzorger met de wensen van degene voor wie hij zorgt. Zeker bij de zorg voor dementerende ouderen speelt dat, maar in iedere zorgrelatie sluipt een element van afhankelijk- heid, dat spanning oplevert.’
WANNEER GRIJP JE IN? Dorothea: ‘Het belangrijkste dilemma voor mantel- zorgers is: Wanneer grijp je in bij gevaarlijk gedrag? Wat doe je als je partner of ouder weigert een rollator of alarmknop te gebruiken, medicatie niet inneemt of auto rijdt terwijl dat absoluut niet verantwoord meer is? Kun je iemand tegen zijn zin een medische behandeling laten ondergaan? Hoeveel druk of zelfs dwang mag je uitoefenen als mantelzorger? Je wilt de wensen van die persoon respecteren, maar ook ongelukken voorkomen. Vaak wuift de ‘vrager’ alle zorgen weg, soms wordt binnen de familie verschil-
Cijfers Nederland telt 3,5 miljoen mantelzorgers.
2,6 miljoen mensen geven meer dan acht uur per week en/of langer dan drie maanden hulp – dat is 20% van de volwassen bevolking.
Mantelzorgers verlenen 60 tot 80% van alle zorg (thuis en in zorginstellingen) en worden daarvoor niet betaald. Dat scheelt de samenle- ving 3 tot 7 miljard euro per jaar.
De meeste mantelzorgers (80%) zijn nu jonger dan 65 jaar. Dat aantal daalt tot 2030 met 9%, terwijl het aantal 65-plussers onder mantelzorgers toeneemt met maar liefst 60%.
Ouderen gaan vaker dan nu voor hun partner zorgen. Het aantal mantelzorgers met een geringe draagkracht en een zware draaglast neemt dus toe, met meer kans op overbelasting.
lend gedacht over de ernst van de situatie. Als iemand iets echt niet wil, heb je een huizenhoog probleem.’
ALLES IS ANDERS ‘Daarnaast is het ingewikkeld dat rollen veranderen. Zeker als je als kind ineens voor je ouder moet zorgen. Dat werkt twee kanten op: ook degene voor wie gezorgd wordt heeft het er moeilijk mee. Verder kan de verzorger in een sociaal isolement terechtkomen, doordat de ander niet meer alleen gelaten kan worden. Of doordat die zich - wat bij dementerende mensen of mensen met hersenlet- sel speelt - ‘raar’ gedraagt in het openbaar. En dan is het helaas ook nog eens zo dat alle zorg die je geeft vaak niet eens wordt gezien.’
BLIJVEN UIT PLICHTSBESEF Roos Verheggen, programmamanager van ‘mantelzorgersver- eniging’ Mezzo, voegt er nog een belangrijk dilemma aan toe. ‘Mantelzorgers staan zichzelf veel gevoelens en gedachten niet toe. Moet je bijvoorbeeld je baan opzeggen om te zorgen? Mag je toegeven dat het zorgen je teveel wordt of dat je enkel bij je partner blijft uit plichtsbesef? Mensen schrikken zelf van dat soort gedach- ten. Er zijn nog heel veel taboes. Iedereen zit zó vol met normen en waarden. Beloofd is beloofd, je laat iemand niet vallen, noem maar
29
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61