“Geen uitloop van dieren en geen varkens en kippen op één locatie”, stelt GGD- arts en milieudeskundige Henk Jans. Veehouders hebben onvoldoende kennis over dier-, gezondheids- en hygiënemanagement. “Laat externe deskundigen in de stallen kijken en adviseren.”
Antibiotica
Veehouders dienen zich te laten adviseren door onafhankelijke gezondheidsexperts, vindt Henk Jans. Foto: Mark van Seggelen
grotere uitdaging dan fijnstof
Henk Jans is arts, heeft een eigen adviesbureau en is als expert verbonden aan de GGD op het gebied van de medische milieukunde. Jans geeft zijn visie op de ontwikkeling in de veehouderijsector.
Wat vindt u van de intensieve veehouderij als het gaat om gezondheid? “Doordat de intensieve veehouderij de afgelopen 25 jaar enorm is gegroeid, heeft de ligging van de bedrijven vaak een grote invloed op de directe woonomgeving. Veranderd is ook de maatschappij die zich roert en steeds meer zorgen maakt. Niet alleen in ons land, maar ook elders in de wereld. Er is nog te weinig bekend over wat de gezondheidsrisico’s zijn voor de leefomgeving. Het is een sector die op dit gebied zeker 20 jaar stil heeft gestaan.”
En wat moet er volgens u gebeuren? “Vanwege de insleep en verspreiding van micro- organismen, zou de uitloop van dieren aan banden moeten worden gelegd. We moeten toe naar een gesloten keten en naar verdere ketenintegratie. Dit geeft voordelen voor het milieu, natuur, volksgezondheid, diergezondheid en dierenwelzijn. Onderdelen zijn het vergisten van mest op het erf en het zoeken naar innovatieve luchtwassers die bacteriën en virussen filteren. De afstand van de stal naar de directe woonomgeving in kernen is al te lang een discussiepunt. Wat is reëel en wat is haalbaar? Mogelijk dat de uitkomst tussen de 250 en 500 meter komt te liggen. Dan is de uitstoot van fijnstof met micro-organismen beheersbaar, zeker bij een gesloten ketenzorg.”
Is er voldoende kennis op het erf? “Meer praktijkgericht onderzoek is nodig op het gebied
Landbouw Vakbeurs ’s-Hertogenbosch 7
van zoönosen om te weten wat de effecten zijn van de intensieve veehouderij op de woonomgeving, de diergezondheid en de gezondheid van de mens. Uit onderzoek blijkt dat de Coxiella als oorzaak van de Q-koorts zich over grote afstanden kan verplaatsen en dat meer mensen besmet zijn dan dat we tot nu toe altijd hebben gedacht. Met die kennis zouden externe adviseurs de veehouder moeten helpen bij het inrichten van een effectief dier-, gezondheids- en hygiënemanagement.”
Is antibioticagebruik hét probleem? “Ja. Onze grootste zorg is niet het fijnstof, maar het grootschalige gebruik van antibiotica. Ons land heeft het hoogste veterinaire antibioticagebruik van Europa. Het accent moet verschuiven van preventief naar curatief en geen koppelbehandelingen meer. Daarnaast moet de rol van de dierenarts veranderen en dient de veehouder zich veel meer te laten adviseren door onafhankelijke experts.”
Wat bedoelt u daarmee? “Een dierenarts vervult een dubbelrol. Hij schrijft antibiotica voor en verkoopt deze. Dat ondermijnt het vertrouwen en de geloofwaardigheid. Externe adviseurs dienen zich bezig te houden met antibioticagebruik, bedrijfs- en gezondheidsmanagement en hygiëne. Hiertoe moeten meer mensen worden opgeleid. Er moet meer onderzoek komen naar feiten in plaats van veronderstellingen. Met die feiten in de hand kan de sector maatregelen nemen of regelgeving worden opgelegd. Daarnaast biedt het de mogelijkheid voor het creëren van nieuwe ondersteunende werkgelegenheid.”