AKKERBOUW
Variabel strooien binnen de werkbreedte
Strooierfabrikant Kverneland heeft slimme software ontwikkeld, waardoor de strooier nu binnen de werkbreedte variabel kan doseren.
Door Martijn Knuivers K
verneland heeft een nieuwe softwaremodule ontwikkeld, waarmee de Kverneland Exacta Geospread en Vicon RotaFlow- kunstmeststrooier voortaan ook binnen de werkbreedte de gift variabel kunnen dose- ren. Kverneland noemt deze innovatieve optie Multirate.
Preciezer bemesten betekent variabel do- seren. Dat laatste was tot voor kort onmo- gelijk met een kunstmeststrooier, omdat een kunstmeststrooier over de volledige breedte dezelfde gift geeft. Voortaan kan Kverneland dat dus wel. De werkbreedte wat betreft variabele dosering is opgedeeld in maximaal acht secties. Opdelen van de werkbreedte in twee, vier of zes zones kan
ook, maar voor de hand ligt om voor de meeste precisie te kiezen, dus opdelen in acht zones. Bij een ingestelde werkbreedte van 40 meter wordt dus per 5 meter een meetpunt genomen. Het raster wordt bepaald door de gridgrootte in de taak- kaart, niet door het werktuig. Kverneland adviseert de rastergrootte van de taakkaar- ten niet kleiner te maken dan de afstand tussen de meetpunten, omdat dit alleen maar extra taakdata genereert, dus 5×5 meter bij een werkbreedte van 40 meter. Vaak is 10 bij 10 meter al voldoende om perceelsverschillen te classificeren. Dat is nog geen precisielandbouw op stoeptegel- niveau, maar volgens Kverneland zijn deze rastergroottes fijn genoeg om de juiste finesse in de teelt aan te brengen. Deze acht giftzones zijn overigens niet
gelijk aan de overlapsecties binnen Geo- spread. Geospread is het aanpassen van de werkbreedte, om overlap op bijvoorbeeld geren te verminderen. De sectiebreedte binnen Geospread is minimaal 1 meter, die automatisch wordt toegewezen door de machine. Het maximum aantal secties op de machine is gelijk aan de werkbreedte (40 meter is 40 secties). Resumerend: is de strooibreedte ingesteld op bijvoorbeeld 36 meter, dan stelt de strooier de Multirate- giftzone in op 4,5 meter en de Geospread- sectie op 1 meter.
Hoe werkt Multirate?
Normaal worden korrels zo egaal mogelijk over het perceel verdeeld. Hoe krijgt Mul- tirate het nu voor elkaar om de dosering te variëren binnen de werkbreedte? Voordat we deze vraag kunnen beantwoorden, eerst een kleine basisles strooien. De werk- breedte van een strooier is niet gelijk aan de werkelijke strooibreedte van de korrels. Bij een werkbreedte van bijvoorbeeld 36 meter heeft een strooier een trapezi- um-vormig strooibeeld van wel 50 meter breed. Direct achter de strooier overlapt het strooiveld van de linker strooischijf deels het strooiveld van de rechter strooischijf. En er is overlap aan de beide zijdes bij de daaropvolgende werkgang. Alle overlap opgeteld leidt uiteindelijk tot een egale verdeling van de korrels over het perceel (grafiek 1).
De elektrische spindelmotoren op de uitstroomopeningen en uitstroomklep schakelen tijdens variabel strooien continu, om dosering en uitstrooirichting bij te stellen.
A18 BOERDERIJ 105 — no. 46 (11 augustus 2020)
Een kengetal dat de mate van egaliteit van een strooibeeld uitdrukt is de variatie- coëfficiënt (VC). De VC geeft aan hoeveel procent het strooibeeld afwijkt van het theoretisch ideale strooibeeld. Normaal wordt gestreefd naar een zo egaal mogelijk strooibeeld, dus een zo laag mogelijke VC. Een VC kleiner dan 15% staat volgens het EN-strooiprotocol voor een goed strooi- beeld. Tussen de 15% en 30% is dat matig
FOTO’S: ROEL DIJKSTRA
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24