This page contains a Flash digital edition of a book.
9


MG PLEZIER


Hij knipte het licht aan en ging rechtop in zijn bed zitten. “Wat is er” vroeg zijn vrouw “Voel jij je niet goed ? Kan ik je helpen ?” “De veertjes” zei hij, “de veertjes.” “Welke veertjes ???” “Die van de carburatoren” antwoordde hij, “ik weet niet meer waar ik die gedaan heb” “Asjeblief” zei zijn vrouw, “02.30 H. Het holst van de nacht en meneer denkt aan veertjes van carburatoren.” Hij was namelijk bezig met de restauratie van een MG TD, had deze helemaal uit mekaar gehaald en opgeslagen in talrijke dozen die wegens plaatsgebrek in garage en tuinhuis, allemaal een onderkomen hadden gevonden in hun slaapkamer. Onder het bed, op de kleerkast, in dat verloren hoekje naast de toilettafel. Hij zat even diep na te denken, zijn vrouw draaide zich op haar andere zijde en sloot terug haar ogen in een poging om verder te slapen. Hij gleed vanonder de lakens, zetten zich op zijn knieën en trok een grote platte doos van onder het bed. Hij bego n de inhoud na te kijken maar geen veertjes. Doos terug onder het bed en de volgende werd geïnspecteerd. “Zeg” zei zijn vrouw, “maak nu e’s da ge terug in ’t bed ligt en slaap. Morgen valt ge in slaap op uw werk.” “Ja maar, ik wil die veertjes vinden.” “Dan zoekt ge morgen maar.” Toch maar naar vrouwlief geluisterd, terug bed in, licht uit, ogen dicht. Maar slapen ! Dat was wat anders. Hij bleef piekeren en zich afvragen waar hij in godsnaam die veertjes had gedaan. Het was bijna ochtend wanneer hij eindelijk terug in slaap viel. ’s Anderdaags na het werk kon hij niet snel genoeg eten om nadien de zoektocht naar zijn veertjes te hernemen in de dozen op hun slaapkamer. Maar tegen slaaptijd had hij nog steeds geen veertjes. Niet dat alle dozen al doorzocht waren maar zijn vro uw wou naar bed en dus noodgedwongen hij ook. Een paar uur later, licht aan en bed uit. “Toch weer die fameuze veertjes niet” zei zijn vrouw nog halfslapend. “Jawel” zei hij, “Ik heb nog geen oog dicht gedaan maar nu denk ik me te herinneren in welke doos ik ze gestopt heb.” Hij ging naar de kleerkast en probeerde een vrij grote en zware doos naar beneden te halen. De doos was echter zwaarder dan hij dacht en gleed uit zijn handen. Met een hoop lawaai kletterde de inhoud ervan op de slaapkamervloer. “Potverdorie” klonk het boos en met een serieuze stemverheffing van uit het bed “moet iedereen hier wakker zijn. Hou op en kom terug slapen.” “ Ja maar nu moet ik toch eerst alles opruimen en dan weet ik meteen of ze hier tussen zitten” Ze zaten er dus niet tussen. De dag nadien, vrije dag want zaterdag, reed hij het eerste uur al naar Benoit. Voor nieuwe veertjes. “Ja” zei Benoit, “maar volgens mij zitten er in de carbu’s van een TD geen veertjes.” “Hoezo” antwoordde onze vriend, “Geen veertjes ! Ik heb al aan alle types MG’s gewerkt en daar zitten overal veertjes in de carburatoren” “Ja maar niet in de oudere types, dus ook niet in een TD. Maar wij zullen het eens nakijken” Alle catalogen, werkplaatsboeken en andere technische publicaties werden er bij gehaald en uitgepluisd van A tot Z. Maar inderdaad geen veertjes. “Nu was ik er heilig van overtuigd dat ik veertjes uit die carburatoren had gehaald” zei hij. “In je dromen misschien” antwoordde Benoit “maar het lijkt me hééél moeilijk om die te vinden als er nooit geen geweest zijn” “Allée dan, eind goed al goed” zei onze vriend, “maar dat durf ik thuis wel niet vertellen hé”


MG plezier ?? ’s Nachts op de slaapkamer ?? ’t Is maar hoe ge ’t bekijkt. Jos


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48