This page contains a Flash digital edition of a book.
Het prille begin van het zwembad


Vrijwel elk zichzelf respecterend vakgebied heeft er één. Een canon. De zwembadbranche heeft ’m nog niet. Daarom hoog tijd voor een overzicht van de belangrijkste wapenfeiten uit de -Nederlandse- zwembadbranche. De waan van de dag is verleidelijk. Elke nieuwe trend klinkt even veelbelovend in de oren en je moet af en toe stevig in je schoenen staan om niet in alles mee te gaan. Maar de opkomst van onder meer aquafitness, zoutelektrolyse, drijfmiddelen en social-mediamarketing zijn stuk voor stuk ontwikkelingen die door menigeen zijn bestempeld als een radicale omwenteling in het vak.


Om goed zicht te krijgen op de ontwikkelingen die bepalend zijn geweest in de historie van het vak en de branche willen wij een bescheiden bijdrage leveren aan het historisch bewustzijn van de huidige en toekomstige generaties in de zwembadbranche. In eerste instantie gaat het om een lijst met de markantste ontwikkelingen en momenten uit de geschiedenis. Dit nummer trappen wij af met het prille begin van het openbare zwembad. Hoe zag dit begin eruit?


De eerste echte zwemschool dateert uit 1830 en stond in Breda. Deze zwemschool was bedoeld om militairen te leren zwemmen zodat men af en toe een sloot of kanaal kon oversteken. Het eerste openbare zwembad kwam ruim een decennium later. In Amsterdam opende men in 1846 het eerste zwembad voor burgers. Dat wil zeggen voor mannen. Vrouwen en kinderen beneden de 12 jaar waren niet welkom. Maar dit duurde niet lang. In de jaren daarna mochten dames, mits voorzien van behoorlijke kleding, steeds vaker naar een zwembad. Het zwemmen onder de vrouwen nam daardoor in populariteit toe. Er ontstonden allerlei dames zwemverenigingen, zoals de Hollandse Dames Zwemclub uit Amsterdam. Deze laatste telde maar liefst 4.000 leden. Ondanks deze getallen, bleef het zwemmen nog wel een tijd weggelegd voor een enkeling.


Geld inzamelen voor een zwembad Het duurde bijna een eeuw voordat er pas echt schot kwam in het zwemmen voor alle Nederlanders. Han Bierenbroodspot speelde hierin een belangrijke rol. Samen met zijn vrienden kon hij maar geen zwembad vinden om te waterpoloën. Zo ontstond de gedachte om via sportfondsen geld in te zamelen. In zijn functie als penningmeester van de Zwemvereniging was Bierenbroodspot op het idee gekomen om via spaarkassen het benodigde kapitaal voor het stichten van een overdekt zwembad bijeen te brengen. Op 14 juni 1923 was dit een feit en werd de N. V. Sportfondsen opgericht. Het primaire


14 ZWEMBADBRANCHE


doel was de Zwemvereniging Het Y een goed geoutilleerd wedstrijdbad te verschaffen. Samen met Eddie van Es, die net uit militaire dienst was gekomen, kwam hij overeen dat binnen een jaar tijd zou worden geprobeerd om 1000 spaaraandelen te plaatsen van elk Fl 360,-. Binnen een halfjaar waren er 500 aandeeltjes geplaatst bij Y-leden en buurtbewoners. Het was een succes.


Zwemmen, zonnen en... schaatsen Uiteindelijk was het na precies 6 jaar sparen zover. Op 22 juni 1929 opende Amsterdam Oost het eerste Sportfondsenbad in de oude Ooster gasfabriek. De stichtingskosten hiervoor bedroegen Fl. 539.000,-. Het eerste Sportfondsenbad had meteen al veel bekijks vanuit het hele land. Het eerste jaar trok het bad maar liefst 136.534 bezoekers. In dit openbare zwembad kon iedereen van volwassenen tot kinderen en van waterpolospelers tot onbekende maar ook bekende zwemmers genieten van een nieuwe beleving. En dat voor maar slechts Fl. 0,50. Hierbij was het badgoed dan ook nog inbegrepen. In die tijd droegen zowel dames als heren nog van die kriebelbadpakken die enorm wijd werden in het water. De bezoekers konden zich omkleden in kleedhokjes die werden afgeschermd met gordijntjes. Om het bad schoon te houden liet men elke avond het water uit het zwembad leeglopen naar de bufferbak. Zo kon er worden schoongemaakt en kon het ’s ochtends weer naar boven worden gepompt. Naast het zwemmen was er ook nog de gelegenheid om te genieten van een imitatie zonnebad, voorgebracht door stralingslampen, voor Fl. 0,30. Tot aan de oorlog kon men er in de winter zelfs schaatsen, dan werd het openluchtbad in een ijsbaan veranderd. In 1933 was de eerste uitbouw en werd het zwembad uitgebreid met een afzonderlijk instructiebad. Ondertussen ging de overheid zich ook meer bemoeien met het zwemmen. Er kwam geld voor zwemles onder schooltijd en het aantal zwembaden nam toe. Rond 1940 waren er in heel Nederland genoeg zwembaden, badmeesters en zwemlessen om iedereen te leren zwemmen.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52