This page contains a Flash digital edition of a book.
We hadden een telefoonnummer meegekregen wat we moesten draaien of drukken, afhankelijk wat voor telefoon wij in het afgesproken dorp tegen kwamen want wie had er toen al een mobieltje? Volgens afspraak zou daarna de eigenaar van de gite met gezwinde spoed naar ons toe komen en ons naar ons nacht en zonodig dagverblijf brengen. Mrs. Fugère, de eigenaar was een alleraardigste Auvergnat zoals er hier velen letterlijk en figuurlijk rondliepen. Klein, breed in de schouders en dikbui- kig.


Een ras dat gevormd was door het constant tegen de berg op klimmen en er ook weer afwillen, de buik kwam later en ontstond door de overvloedige boe- renmaaltijden waar de Auvergne zo bekend om staat. Eenvoudige boerenkost maar dan in ruime hoeveelheden genuttigd. Natuurlijk waren er ook lange taaie hardwerkende mensen zoals de burge- meester van het dorpje waar het huis stond wat wij gingen kopen. Als aannemer leefde hij en zijn fami- lie al generaties lang boven op de toppen van het Livradois en hadden daar alles gebouwd wat er maar te bouwen was. Zelf heb ik hem ook een keer nodig gehad maar dat vertel ik later, anders zou je er van in de war raken.


De gite van mrs Fugere was een tot verblijfplaats omgebouwde schuur waarin een openhaard domi- nant aanwezig was die wij naar hartelust mochten gebruiken. De week die wij hierin hebben doorge- bracht zullen wij altijd blijven herinneren. Buiten lag de sneeuw en binnen brandde de kachel; waren wij op pad dan werd de temperatuur aangenaam gehouden door een drietal elektrische kacheltjes en ik prees mij dit keer gelukkig dat mrs Fugère geen rode lamp had in de meterkast.


In de Auvergne hadden wij een afspraak met een makelaar die geen makelaar was maar beter Engels als Frans praatte vooral omdat hij aan de andere kant van het kanaal geboren was. Mr.Trenick had de stap al gewaagd en was ons wat dat betreft naar Frankrijk voorgegaan; omdat hij nog gewoon de kost moest verdienen, bracht hij dus huizen en aan- verwante artikelen aan de man. Met hem hebben wij, na een eerste administratieve selectie, daar rondgetoerd en de nodige huizen bekeken. Wij hadden voor ons zelf al een idee van wat wij wilden, iets ouds met karakter; direct habitable en geschikt om ook een beetje te verhuren. Dat bleek toch iets anders te worden geïnterpreteerd dan wij in ons hoofd hadden. Wij hadden dus op een plaatje eerst wat huizen met bijbehorende prijzen uitgezocht en hoe het komt weet ik niet maar het gekke was dat hoe duurder de huizen waren, hoe mooier wij ze vonden. Omdat het voor ons budget eigenlijk iets te


dure huis, het dichtst bij ons vertrekpunt gelegen was, werd dat dus maar het eerste bezocht. Een mooie, aan al onze eisen voldoende woning, waar ik nog jaren in kon hobbyen zonder mij te vervelen en niet onbelangrijk, wel direct bewoonbaar. Het huis, idyllies gelegen, toegedekt door een de- ken van sneeuw, onbewoond en „en pierre‟, was dus opgetrokken van de brokken steen die je overal kon vinden en waaraan het zijn karakter ontleende; een brok graniet net als de bewoners van deze streek. Het geheel zag er wel niet uit door het aan- wezige, al jaren niet gemaaide, hoge gras en een tuin die de naam tuin niet waard was maar met de gesloten luiken had het huis iets wat ons zeer aan- stond.


Mr.Trenick haalde eerst een zaklamp en vervolgens een sleutel uit het begin van onze jaartelling tevoor- schijn, althans zo oud leek hij, waarmee hij moeite- loos de voordeur opende. Door de gesloten luiken was het binnen aardedonker maar zoals jullie net hebben kunnen lezen, was er door de vooruitziende blik van onze begeleider gelukkig licht in de duister- nis en zelfs met dit kleine bundeltje licht raakten wij aardig onder de indruk van deze bijna geheel ge- renoveerde boeren fermette of eigenlijk vielen wij als een blok voor dit prachtstuk van de Auvergnatse architectuur.


Nummer twee op de lijst had dan wel een mooier uitzicht maar was van binnen nog net zo‟n boerderij als hij destijds was gebouwd. Nummer drie bleek een oude watermolen te zijn geweest waar vroeger papier werd gemaakt en waaraan de streek haar bekendheid en zijn destijdse welvaart aan had te danken. De molen zelf was tot monument verklaard en zou later door de municipal verwijderd worden om zijn leven verder in een museum te slijten. Ver- der was de woning, althans wat daar voor door ging, erg geschikt om er in te kamperen dus weer niet iets wat wij zochten.


De volgende dag werden wij gebracht naar iets, waarvan de makelaar, die dus geen makelaar was, dacht dat wij zoiets wel wilden, iets authentiek, iets van deze streek. Het bleek een van de buitenkant pracht van een twee onder een dak boeren hofste- de waar je zo vanuit het woonvertrek tegen de stati- ge balken van het hoge dak aan keek. De halve boerderij was door de kortademige eigenaar, lopend in zijn lange jaeger ondergoed en die, door het tijd- stip dat wij er op bezoek waren, de indruk wekte dat hij het niet alleen ‟s nachts maar ook de hele dag aan had, zodanig verbouwd (nou ja) dat je sluip door kruip door naar de slaapvertrekken moest tij- geren (een uitdrukking wel bekend bij diegenen die in militaire dienst zijn geweest) en dus niet leuk.


Emigreer Magazine


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56