This page contains a Flash digital edition of a book.
Column Column John van Heel


Van Schwarzenegger naar Fitness 2.0


1981 was het jaar dat ik fitness ontdekte, in Libanon, waar ik voor 6 maanden bij Unifil zat. Daar hadden wat solda-


ten van betonnen blokken een halter gemaakt. Aan de muur in de trainingsruimte afbeeldingen van mr. Schwarzenegger himself. ‘Overdreven gedoe’, dacht ik toen bij mezelf. In 1982, eenmaal terug in Weert, ging ik op kamers wonen en stond er een loods leeg achter mijn appartement. Terugdenkend aan die zware jongens en rondkijkend in Weert, een fitnesshoekje in een garage die zich fitnessclub noemde, dacht ik: ‘waarom niet’. Ik dook samen met een vriend in de wereld van fitness. 80 m2, voor 1500 gulden ijzer gekocht en lassen maar. Interna- tionaal werd fitness met name toegepast voor sportondersteu- nende training en bodybuilding. We zaten in de babyfase van wat we heden ten dage fitness noemen.


De jaren ‘80 zie ik als peuterfase van fitness. Er ontstonden steeds meer kleine familie fitnessbedrijfjes, vaak doorgroeiend vanuit een judoschool. Ook in de ontwikkeling van apparatuur gebeurde er veel: veel innovatie in de jaren ’80, zoals de eerste Lifecvcle in 1986 en de opkomst van step aerobics in 1989. De jaren ’90 zijn de kleuterfase van de fitnessbranche. Flinke groeispurten, maar alles verloopt nog lekker natuurlijk. Het aantal sportcentra groeit extreem en zo ook het aantal deel- nemers. In de jaren ‘90 groeit ook het bewustzijn, met onder- steuning van veel research, van het nut en belang van bewegen en fitness. Les Mills komt naar Nederland, Body-mind doet zijn


intrede, evenals spinning. Ook het organisatievermogen groeit sterk en in 1991 ziet brancheorganisatie Fit!vak het licht. Na dat millennium start echt de puberfase van de branche. Nog steeds sterk in de groei, op zoek naar de eigen identiteit, veel uitproberen en worstelen met regels. Ketenvorming neemt toe, met onder meer Fitness First en Health City, maar ook budgetfit- ness zet door met onder meer basic fit. Ook nieuwe concepten doen het goed, zoals Zumba en LAPT. Zit de branche vanaf 2010 in de volwassen fase of toch nog even de adolescentfase? Een sterke ontwikkeling naar hogere kwaliteit met EREPS, leveringsvoorwaarden, plus criteria en pre- diabetes protocol. Sportcentra kunnen, of moeten misschien wel keuzes maken. Omzetten in low budget, dat is niet zo gemakke- lijk, omdat een bestaande club nu eenmaal anders in elkaar zit. Ontwikkelen naar multi-aanbod, dat vergt behoorlijke investe- ringen. Meer naar de recreatie en fun kant ontwikkelen of ook de kant op van leefstijl- preventie- en zorg, dit lijkt een goede keuze gezien de vergrijzing en nog steeds groeiende aandacht voor het belang van bewegen. Tijdens Fitness 2.0, in de volwassen fase van de branche, worden de kaarten verdeeld, de segmentatie vindt plaats en ieder ‘soort’ kan zich sterk met een eigen identiteit positioneren. Vergrijzing, zorgontwikkeling naar preventie en individualisering, bieden unieke kansen. Aan u als ondernemer om juist nu de juiste keu- zes te maken en door te pakken.


John van Heel EFAA


fit!magazine 21


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60