This page contains a Flash digital edition of a book.
In control


Met assetmanagement is Rijkswaterstaat beter ‘in control’ over de infrastructuur die zij beheert en onderhoudt, zo werd op het congres ‘Time to Maintain’ vastgesteld. Met het grote aantal collega’s buiten Rijkswaterstaat, waaronder provincies, gemeenten, waterschappen, Prorail, TU Delft en internationa- le partijen, dat uitgenodigd was om van gedachten te wisse- len over assetmanagement, werd het belang van verdergaan- de samenwerking daarbij onderstreept. Doel is om met elkaar een stap te kunnen maken om assetmanagement door te ont- wikkelen naar een hoger niveau.


“De kwantitatieve en kwalitatieve areaalgegevens voor de SLA-sturing zijn vrijwel geheel op orde”, stelt Van der Velde vast. “We wisten al wat we aan objecten hadden en nu kun- nen we ook vaststellen wat de functionele prestaties daar- van zijn. Het inzichtelijk maken van het actuele en gewenste functioneren van de netwerkschakels op basis van risicopro- fi elen en life cycle costs, is voor ons een belangrijke meer- waarde van assetmanagement. Het beheer en onderhoud van de assets wordt daardoor transparanter en overzichtelijker. De overheid en samenleving zien beter wat we doen en waarom we dat doen. Ook voor marktpartijen gaat het duidelijker wor- den wat we van ze verwachten, want ook voor hun formuleren we prestatie-eisen.”


“In drie jaar tijd hebben we een forse verbeterslag gemaakt in wat we doen en hoe we dat doen”, vult De Wit aan. “Een verbeterde informatievoorziening verschaft ons meer duide- lijkheid over geleverde en te leveren prestaties van infrastruc-


NEN 2767-4


Een van de instrumenten om op uniforme en gestructureerde manier het areaal op orde te krijgen en vervolgens te houden, is het implementeren van de NEN 2767-4 als methodiek. D.O.N. Bureau, die de norm mede ontwikkelde, is secretaris van deze norm, die onder voorzitterschap van Rijkswaterstaat en Provincie Gelderland verder is vormgegeven. Het uitdragen van een uniforme toepasbaarheid middels een cursus is een van de speerpunten aldus Donald Bezemer - directeur van D.O.N. Bureau, die noodzakelijk zijn voor het op juiste wijze implementeren van de standaard decompositie en het bepalen van de huidige toestand van het areaal middels de NEN 2767-4 inspectie.


tuurobjecten in hun functionele context, zodat we ons beheer en onderhoud daarvan transparanter, uniformer en over een langere periode kunnen programmeren. Ook zijn daarmee de voorwaarden gerealiseerd voor het maken van heldere en eenduidige SLA-afspraken met het Ministerie van Infrastruc- tuur en Milieu. Verder werken we aan de optimalisering van de samenwerking met marktpartijen en borging van de inkoop- voorwaarden voor Rijkswaterstaat als assetmanager. Vorig jaar is life cycle management ingevoerd bij Rijkwaterstaat, zo- dat bij de aanleg van nieuwe infrastructuur al rekening is ge- houden met toekomstige onderhoudskosten en deze vooraf ook al bekend zijn.”


Maar de klus is nog niet helemaal geklaard. “Assetmanage- ment is ingevoerd, maar hoe verankeren we dat in de orga- nisatie en tillen we dat de komende jaren naar een hoger ni- veau”, zo verwoordt De Wit een belangrijke uitdaging. “Zoals eerder vastgesteld gaat het implementeren van assetmanage- ment verder dan het invoeren van methoden, processen en instrumenten. Het zijn de medewerkers die daarmee moeten werken. De verantwoordelijkheid voor het scholen, trainen en begeleiden van de medewerkers ligt bij het middenkader van de lijn. Elke lijnmanager die een stuk van de objectketen in zijn afdeling heeft, is dan ook bij PAM betrokken geweest. Het programma wordt binnenkort afgerond, maar de veranderin- gen in de organisatie en de manier van werken, moeten daar nog wel verder indalen.”


‘WE WISTEN AL WAT WE AAN OBJECTEN HADDEN EN NU KUNNEN WE OOK


VASTSTELLEN WAT DE FUNCTIONELE PRESTATIES DAARVAN ZIJN’


Jenne van der Velde


Assetmanagement is voor Rijkswaterstaat een andere, be- wustere manier van kijken naar en omgaan met de bezittingen om die vervolgens zo effi ciënt en kosteneffectief mogelijk te kunnen beheren en onderhouden. “Een vak dat je leuk moet vinden om daarin goed te kunnen presteren. Het vraagt om een integrale aanpak waarin naast het vastleggen van proces- sen, het ontwikkelen van tools en het opleiden van mensen ook de aanwezigheid van de juiste werkcultuur – gedrag, hou- ding en rol in de keten – van belang is”, onderstreept De Wit. “De grondslagen daarvoor zijn gelegd, nu moet assetmanage- ment gaan doorgroeien op de werkvloer.” Nr.8 - 2012 OTAR


OTAR Nr.8 - 2012 25


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48