SHELL WORDT OPERATOR VOOR DE KUST VAN NIEUW-ZEELAND
Shell is operator geworden van de activiteiten in het Great South Basin voor de kust van Nieuw-Zeeland. Shell (50 procent) neemt de rol over van het Oosten- rijkse OMV, dat evenals PTTEP uit Thailand 18 procent behoudt, terwijl Mitsui E&P Australia de resterende 14 procent van de aandelen in bezit heeft. Shell kwam in augustus 2011 bij het consor- tium. Afgelopen maart werd het in kaart brengen van de ondergrondse reserves van de 4.820 km2 grote concessie voor de kust van het Zuidelijk eiland afgerond. Volgens landendirecteur Rob Jager van Shell zijn er goede indicaties dat het gebied aard- gas herbergt, maar is het nog te vroeg om te kunnen beslissen of het daadwerkelijk gewonnen zal gaan worden.
MINDER BROEIKASGASSEN MAAR MEER LEKKAGES
QATAR TREKT BANDEN MET ROYAL DUTCH SHELL AAN
Qatar wordt een van de grotere aandeelhouders van Royal Dutch Shell. Via het staatsfonds Qatar Invest- ment Authority (QIA) zal het Arabische emiraat een fors belang opbouwen. Shell en Qatar hebben een strategische relatie. In Qatar staat de Pearl GTL-instal- latie in Ras Laffan Industrial City. Daar wordt gas uit het voor de kust gelegen veld omgezet in permanent vloeibare brandstoffen als diesel en kerosine. Verder heeft Shell een belang in de vloeibaargasinstallatie Qatargas4. Met de staatsoliemaatschappij Qatar Petroleum ontwikkelt Shell de plannen voor een groot petrochemisch complex in Qatar.
De hoeveelheid broeikasgassen die Shell vorig jaar heeft uitgestoten ligt lager dan in 2010. Ook hebben de installaties van Shell wereldwijd minder hoeven af te fakkelen. De hoeveelheid olie die in het milieu kwam als gevolg van lekkages nam echter toe in 2011. Dat staat te lezen in het medio april versche- nen Sustainability Report 2011 van Royal Dutch Shell. In het jaarlijkse rapport legt de energiemaatschappij verantwoording af op het gebied van duurzaamheid, veiligheid en sociale aanwezigheid. Uit het jaarrapport blijkt de uitstoot van (directe) broeikasgas- sen in 2011 met 3 procent gedaald, mede door de verkoop van activiteiten en door het minder affakkelen van onbruikbare gassen in bijvoorbeeld Nigeria. Ongeveer 55 procent van de door Shell uitgestoten broeikasgas- sen komt voor rekening van raffi naderijen en chemie-installaties. Het affakkelen van aard- gas nam in 2011 over de gehele breedte van Shell af en daalde met 4 procent. Tegenover die afnamen staat een toename van de hoeveelheid olie die in de natuur is gekomen als gevolg van lekkages. De hoeveelheid gelekte olie en olieproducten verdubbelde ruim tot 6.000 ton. Daarvan kwam 80 procent voor rekening van het lek bij het Bonga-veld voor de kust van Nigeria. 1600 ton komt voor rekening van diefstal en sabotage in Nigeria. Ook nam het watergebruik toe van 202 mil- joen kubieke meter in 2010 tot 209 miljoen kubieke meter in 2012. De toename is voor- namelijk een gevolg van de uitbreiding van de productie van oliezanden in Canada.
VOLGENDE STAP LNG-PROJECT AAN CANADESE WESTKUST
Shell, Korea Gas (Kogas), Mitsubishi en PetroChina gaan een LNG-terminal aan de westkust van Canada ontwerpen. De exportfaciliteit komt in de buurt van Kitimat, British Columbia. Het defi nitieve bouwbesluit zal later worden genomen. Dat hebben de partners in het project bekendgemaakt. De termi- nal speelt in op de steeds groeiende vraag naar vloeibaar aard- gas in Azië. In eerste instantie worden er twee installaties (treinen) gepland met ieder een capaciteit van 6 miljoen ton. Mogelijk wordt de capaciteit in de toekomst vergroot. Shell heeft een belang van 40 procent in het project, de overige drie partners ieder 20 procent.