This page contains a Flash digital edition of a book.
JULI  AUGUSTUS | 2012


19


GOUDEN REGELS Vragen aan Annemarie van der Rest, Manager Health, Safety and Environmental (HSE) Affairs.


Vlnr: Petra van der Spoel, John van Zundert, Cees Knook en Chris Vissenberg


Wat zijn de belangrijkste regels op het gebied van veiligheid die voor elke Shell-medewerker gelden? “Houd je aan de wet en aan alle veiligheidsregels en procedures, pleeg in onveilige situaties een interventie en toon daarbij het nodige respect voor elkaar. Hoe beter deze drie gouden HSE-regels worden nageleefd, hoe veiliger de werkomgeving is, zowel voor Shell-medewerkers als voor contractors. Ondersteunend zijn onze Life-Saving Rules en het Fountain Incident Management systeem, waarbij het voor medewerkers eenvoudig is om veiligheidsrisico’s te rapporteren. Ook kleine incidenten, bijna-onge- vallen en onveilige situaties worden via dit systeem gerapporteerd waardoor een completer beeld van wat zich aan de basis van de processen afspeelt ontstaat. Tot slot zijn de Peer-to-Peer-interventies belangrijk. Dat betekent dat elke medewerker en contractor naast de rapportageplicht nog een extra veiligheidstaak heeft: het aanspreken van collega’s of contractors die bewust of onbewust Life-Saving Rules overtreden, zodat men zich bewust wordt van het onveilige gedrag. De rapportage in het FIM systeem bevat overigens uitsluitend informatie over het incident, niet over de persoon die de overtreding heeft begaan.”


Wat is bijzonder aan de 35 ongevalvrije jaren in het CLAB? “Dit laboratorium vervult een verbindende rol: vele verschillende producten komen hier samen. Dat levert specifi eke gevaren op die het CLAB team uitstekend weet te beheersen door de HSE-regels te adopteren, naar de eigen situatie te vertalen en con- sistent in de praktijk te brengen. De laboranten voe- len zich verantwoordelijk voor de eigen gezondheid en voor die van hun collega’s. Deze voorbeeldige mentaliteit draagt bij aan een optimale veiligheid en daarmee aan het bereiken van deze bijzondere mijlpaal.”


spraken ook daadwerkelijk in de praktijk nage- leefd. En wanneer een regel wordt overtreden proberen we de oorzaak te achterhalen en samen tot een structurele verbetering te komen.” Vissenberg: “Wij laboranten richten ons nu eenmaal graag op details. Daarom vinden we het leuk om ook alle risico’s tot in de fi nesses te beheersen. We zijn voortdurend bezig om onze analysetechnieken te optimaliseren en vei- liger te maken. Dat houdt nooit op, omdat ook situaties en technieken blijven veranderen.” VAN DER SPOEL: “Ik werk hier sinds decem- ber. Al op de eerste dag viel mij op hoe verantwoordelijk mijn collega’s zich voor mijn veiligheid voelen. Dat is prettig en maakte me bovendien bewust van mijn eigen verantwoor- delijkheden. Voordat ik analysewerkzaamhe- den mocht verrichten leerde ik om risico-inventa- risaties en evaluaties uit te voeren en ook nadat


ik mijn eerste samples had gedraaid merkte ik dat het thema veiligheid hier altijd actueel is. De leidinggevenden geven zelf het goede voorbeeld: zij houden zich aan de regels, tonen betrokkenheid en hebben regelmatig contact met alle medewerkers. Dat zorgt voor een laagdrempelige sfeer die bijdraagt aan de veiligheidscultuur, want daardoor voel ik mij niet geremd om collega’s en zelfs leiding- gevenden op onveilig gedrag aan te spreken.” Van Zundert: “Onlangs besloten we om een analysemethode niet langer uit te voeren. We hebben een alternatieve methode aange- dragen waardoor dit werk nu weer veiliger is geworden. Het is mooi om te zien dat de medewerkers van de business en de fabriek ons in dat proces steunen. Je ziet dat het geza- menlijk opkomen voor veiligheid in de praktijk werkt, dat veiligheid verbindt.” 


Hoe realistisch is Goal Zero eigenlijk? “Zeer realistisch. Als we er niet altijd voor zouden gaan, dan is er een kans dat een medewerker minder gezond naar huis (of het ziekenhuis) gaat dan bij aanvang van de dienst. Het is logisch dat we allemaal gezond naar huis willen en daarom even logisch dat we voor Goal Zero gaan.”


Wat zijn naast regels de organisatorische voorwaar- den voor een optimale veiligheid? “Medewerkers moeten de ruimte krijgen om vragen te stellen als: waarom doen we dit? Is deze werk- wijze noodzakelijk? Wat wordt met de resultaten gedaan? Wanneer het hoofd van een laboratorium het verzoek ontvangt om een nieuw product te analy- seren, dan hoort deze aan de laboranten te vragen: kunnen we hier op een veilige manier gehoor aan geven? Bij Shell is de samenwerking tussen laborato- ria en sites zo ingericht dat er wanneer nodig altijd overleg kan plaatsvinden.”


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32