Als laatste van deze zesdelige serie nemen we voor de praktische benadering een bakkerij c.q. broodfabriek als voorbeeld. Uiteraard geldt hetzelfde voor zagerijen, meelverwerkende industrieën, kunstmestproductie en overal elders waar fijn stof ontstaat of ermee wordt gewerkt. Elke grondstof heeft ook zijn specifieke eigenschappen en dient in overeenstemming hier- mee te worden behandeld en verwerkt. Qua aanvullende eisen zijn er verschillen, zoals op het gebied van hygiëne. Deze spelen ook een rol als het om explosiebeveiliging gaat.
Hoewel menigeen bij het woord gas- explosie niet vreemd opkijkt, ligt dat bij stofexplosiegevaar heel anders. Dat terwijl ook bij dit laatste een explosie een niet te onderschatten risico vormt. Bij de bakkers- industrie bijvoorbeeld. In dit artikel worden drie van de meest gevaarlijke plaatsen in de bakkerij behandeld. Allereerst de aan- voer van de grondstoffen, meer specifiek de overslag van de bulkwagen naar de silo. Hierna gaat het naar de verwerkings- lijn. Als derde en laatste behandelen we de plaats waar alle ingrediënten worden samengevoegd en het deeg wordt bereid.
In de lay-out van een bakkerij zijn deze plaatsen met kleine foto’s gemarkeerd.
Aanvoer grondstoffen 58
Solids Processing Nr. 2 - april 2012
Op het moment van verlading van de bloem vanuit de bulkwagen naar de voorraadsilo’s ontstaat een grote kans op stofexplosie. Het potentiaal van de bulkwagen moet eerst gelijk worden gemaakt met het metalen frame van de silo en het gebouw. Ook de aanwezige statische lading moet naar de aarde worden afgevoerd. Na het opheffen van de potentiaalverschillen, kan de slang worden gekoppeld met het koppelpunt en kan de verlading starten. Tijdens de verlading kan door de wrijving van de bloem in het transportsysteem statische oplading plaatsvinden, maar een juiste aarding voorkomt dit. Evident dat de aar- ding continu moet worden gecontroleerd gedurende de verlading. Hiervoor is apparatuur beschikbaar die doorgaans op bulkwagens ontbreekt. Dit betekent
dat de bakkerij het zelf moet blijven con- troleren en plaatsing van de controle- apparatuur bij het koppelbord is praktisch gezien de beste plaats.
Tegen de verplichting tot aarden wordt het meeste gezondigd. Een waar- schuwingsbord met instructies bij dit koppelpunt is minimaal aan te bevelen, de voorkeur verdient een signalering bij niet of onvoldoende aarden. Buiten zal bij dit koppelpunt door de na- tuurlijke ventilatie geen stofexplosiegevaar optreden. Anders wordt het wanneer dit punt zich binnen in het gebouw bevindt. Vooral bij kleinere bakkerijen is dit het geval. Dit punt zal dan minimaal als zone 22 wor- den geclassificeerd. Zone 22 is een gebied waar brandbare stof als een wolk zelden of gedurende korte tijd in voldoende mate aanwezig is. Uiteraard zal in dit geval de geplaatste controleapparatuur minimaal moeten voldoen aan categorie 3D.