Zoutproducent AkzoNobel in Hengelo heeft geleerd en
LOGISTIEK Jelle Vaartjes
Meer strooizout
Na een paar strenge Nederlandse winters waarbij gemeenten tegen een groot zouttekort opliepen, ontwikkelde zoutleverancier AkzoNobel in Hengelo onlangs het zogenoemde strategische contract. De zoutproducent slaat dan zelf voor haar klanten zout op in grote silo’s. In geval van strenge vorst kan daaruit worden geput en als er geen strooizout nodig is hoeven de klanten het zout niet af te nemen.
AkzoNobel in Hengelo wint en produceert zout voor verschillende toepassingen. Ongeveer vijf procent is bestemd voor wegenzout. Ongeveer 20 procent wordt gebruikt voor het maken van zogenoemde specialties, van consumptiezout voor agra- rische toepassingen tot aan de voedsel- verwerkende industrie en ook vaatwas- tabletten, onthardingstabletten en derge- lijke. De overige 75 procent is bulkzout en wordt gebruikt voor de industrie, met name de chloorindustrie. Strooizout vormt dus maar een klein deel van de afzet maar het chemieconcern is wat strooizout betreft een grote speler op de markt. AkzoNobel verkoopt ongeveer 100.000 ton wegenzout op jaarbasis terwijl de markt in Nederland ongeveer 300.000 ton groot is. Er zijn een paar concurrenten, zoals Frisia en Eurosalt, waarbij de laatste een handelsfi rma is.
Productieproces 32
Solids Processing Nr. 2 - april 2012
Het productieproces van zout ziet er op het eerste gezicht eenvoudig uit maar vergt het nodige vakmanschap. Het is een volcontinu proces, waar via boorgaten water wordt gepompt in de steenzoutlaag, waarin het zout oplost. De hierdoor ontstane pekel wordt vervolgens gezuiverd in de pekelzuivering. In de daarop- volgende indampinstallatie condenseert het pekelwater, waardoor zoutkristallen overblijven. Een centrifuge zorgt voor de laatste droging, waarna het industriezout en het wegenzout richting opslag gaan. Het deel voor specialties wordt voor de verpakking en de consumptie nog eens extra gedroogd en gezeefd. Er is een duidelijk verschil tussen strooizout, industriezout en consumptiezout. Jansen: “Dat heeft bijvoorbeeld te maken met additieven die wij toevoegen of met korrelgroottes. Bij consumptiezout kan de korrelgrootte variëren of er worden additieven als jodium, fl uoride of nitriet toegevoegd, afhankelijk van de toepassing. We voegen ook een bepaalde hoeveelheid ijzercyanide toe, een antiklontermiddel. Zelfs aan strooizout wordt ijzercyanide toegevoegd; hierdoor kun je het beter opslaan en het verbetert het strooipatroon op de weg. Dit middel wordt bij strooizout toegevoegd in een verhouding van 40-100 mg/kg.”
Problemen Wie herinnert zich niet de grote proble- men met het strooizout in de winter van 2011/2012 met enorme hoeveelheden sneeuw. “De vraag naar strooizout was fors groter dan de gecontracteerde hoeveel- heden, waardoor een zouttekort ont- stond”, aldus woordvoerder Ilse Jansen. ”Bovendien was langdurig achter elkaar strooizout nodig. In een normale situatie is er altijd een tussenperiode om te produ- ceren en weer nieuwe voorraad aan te leggen. Dat was vorig jaar niet zo. De vorst begon eind november en hield aan tot eind februari.”
Datzelfde fenomeen deed zich een jaar eerder voor. AkzoNobel verwachtte dat klanten daarvan hadden geleerd en er meer op voorbereid waren door grotere contracten af te sluiten of zelf wat meer